Aantal zzp’ers en flexwerkers flink afgenomen – met een dubbele hoofdrol voor de overheid
Het aantal hoogopgeleide professionals dat flexibel werkt is het afgelopen jaar aanzienlijk gedaald, zo blijkt uit onderzoek van HeadFirst en Intelligence Group. Met name de overheidssector speelt hierin een grote rol.
Na jaren van groei tekent zich een kentering af binnen de Nederlandse flexibele arbeidsmarkt. Ten opzichte van een jaar geleden zijn volgens de onderzoekers tienduizenden mensen minder actief als zzp’er of gedetacheerde.
De data van HeadFirst Group en Intelligence Group kijkt naar al het hoogopgeleide talent in Nederland (hbo en wo). Volgens de laatste schatting telt ons land 775.000 zzp’ers en gedetacheerden, waarmee de flexibele schil goed is voor iets meer dan 18% van het totale aantal hoogopgeleide werkenden.
Dit percentage is ongeveer gelijk aan de periode rond 2021 en 2022, maar een stuk lager dan de piek in 2024, toen het aandeel van zzp’ers en gedetacheerden nog zo’n 22% bedroeg.
Een belangrijke aanleiding voor de trendbreuk is het einde van het handhavingsmoratorium op schijnzelfstandigheid, wat het voor zowel opdrachtgevers als opdrachtnemers noodzakelijk maakte om hun manier van werken scherp onder de loep te nemen.
“Opdrachtgevers hebben hun inhuurbeleid aangepast, contracten aangescherpt en hun flexibele schil afgebouwd”, constateert Geert-Jan Waasdorp, CEO bij Intelligence Group.

De aangescherpte handhaving is niet de enige manier waarop de overheid de kentering aanjaagt. Het onderzoek laat zien dat het aandeel flexibele werkenden in uiteenlopende sectoren is gedaald, maar nergens zo sterk als in de publieke sector – van oudsher een van de grootste opdrachtgevers van zzp’ers in Nederland (en tevens de best betalende).
Bij de centrale overheid is het aandeel flex met 2 procentpunt gedaald sinds de piek, en bij de decentrale overheid zelfs van 13% naar 7%. “De verschillen tussen sectoren zijn enorm”, constateren de onderzoekers. “De decentrale overheid heeft haar flexschil bijna gehalveerd en ook de centrale overheid lijkt – mede onder invloed van de Roemer-norm – een omslag te maken.”
Niet overal even soepel
De veranderende handhaving rondom zzp-wetgeving noodzaakt veel overheidsinstanties om mensen in loondienst te nemen of hun inhuurportefeuille voor zzp’ers terug te brengen. Deze ontwikkeling verloopt binnen de overheid niet overal even soepel. De overheid worstelt namelijk zelf ook met de overgang naar volledige naleving.
Binnen de Rijksoverheid werden bijvoorbeeld medio 2025 ruim 1.300 ingehuurde zelfstandigen aangemerkt als potentieel schijnzelfstandig. Bij Rijkswaterstaat ging het om 130 gevallen met een hoog risico, terwijl bij de hersteloperatie van de kinderopvangtoeslag honderden potentiële schijnzelfstandigen actief waren.

Wellicht het meest opmerkelijke voorbeeld komt van de Belastingdienst zelf. Deze dienst is verantwoordelijk voor de handhaving van de Wet DBA, maar kampt met afstemmingsproblemen en kreeg veel kritiek na haar suggestie om de regels dan maar niet na te leven en eventuele boetes voor lief te nemen.
Een van de knelpunten waar overheden hierbij mee kampen, is dat zzp’ers en gedetacheerden niet staan te springen om in loondienst te treden. Bij de centrale overheid gaf slechts 12% van de ondervraagden aan bereid te zijn in loondienst te gaan (mits alle voorwaarden kloppen), terwijl dit percentage bij de decentrale overheid slechts 4% bedraagt.
“We zien in de flexmarkt een geleidelijke maar onmiskenbare herijking”, schrijven de onderzoekers. “Opdrachtgevers hebben zich na het einde van het handhavingsmoratorium op schijnzelfstandigheid aangepast: contracten zijn aangescherpt, inhuurbeleid is herzien en flexschillen zijn afgebouwd.”

Opvallend hierbij is dat deze beweging in gang is gezet terwijl volledige handhaving nog altijd geen realiteit is, en tevens bekend is dat er nieuwe wetgeving in de maak is.
“De data suggereren dat de anticipatie op handhaving vooralsnog meer impact heeft gehad dan de feitelijke handhaving zelf”, aldus de onderzoekers. “In combinatie met een afkoelende economie en een opdrachtenmarkt die al langere tijd krimpt, resulteert dit in een flexibele arbeidsmarkt die voor het eerst in jaren structureel kleiner wordt.”
Blijft belangrijk segment op de arbeidsmarkt
Terwijl de overheid werkt aan de nieuwe wetgeving, benadrukken de onderzoekers dat de flexibele schil met circa 775.000 zzp’ers en gedetacheerden een belangrijk onderdeel blijft van de Nederlandse arbeidsmarkt.
“Flexibele professionals blijven een onmisbare rol spelen voor organisaties die behoefte hebben aan specialistische kennis, extra capaciteit of tijdelijke ondersteuning. Wat we nu zien gebeuren is een markt die volwassen wordt”, zegt Allard van Dam, Country Manager bij HeadFirst Group.

