‘Datacenters worden de fabrieken van de intelligentie-economie’

‘Datacenters worden de fabrieken van de intelligentie-economie’

17 september 2026 Consultancy.nl
‘Datacenters worden de fabrieken van de intelligentie-economie’

Meer datacenters bouwen in Nederland: het lijkt op het eerste gezicht moeilijk te rechtvaardigen. Toch zijn er goede redenen om hierin te blijven investeren, stelt Barbara Baarsma, hoofdeconoom van PwC. De ontwikkeling van een digitale infrastructuur is essentieel voor onze economie, en datacenters zijn daar een belangrijk onderdeel van.

De bezwaren tegen meer datacenters zijn aanzienlijk. Nederland is op Malta na het dichtstbevolkte land van Europa. Naast de schaarste aan ruimte kampt ons land met een overbelast stroomnet en toenemende druk op de beschikbaarheid van water. Bovendien is de milieugebruiksruimte beperkt door onder andere stikstofnormen en zijn er in grote delen van het land personeelstekorten.

“Er is nog een reden voor scepsis”, zegt Baarsma. “Datacenters lossen het hardnekkige productiviteitsprobleem van Nederland niet op. De groei van de arbeidsproductiviteit is de afgelopen tien jaar sterk afgezwakt. Het bouwen en runnen van datacenters levert relatief weinig directe werkgelegenheid op en verhoogt de productiviteit van de bredere economie nauwelijks.

“Als we datacenters alleen beoordelen op hun directe bijdrage aan werkgelegenheid en economische productie, lijken ze misschien niet de meest waardevolle bestemming voor de schaarse Nederlandse middelen”, concludeert ze dan ook.

Fabrieken van de intelligentie-economie

Toch is dit volgens Baarsma maar een deel van het verhaal. Want wie datacenters uitsluitend beoordeelt op banen en directe economische productie, kijkt volgens haar te beperkt naar hun functie. Datacenters vormen de fysieke infrastructuur waarop een steeds groter deel van de digitale economie draait.

Volgens de PwC-hoofdeconoom bewegen we naar een intelligentie-economie, waarin AI naast arbeid, kennis, kapitaal en grond een steeds belangrijkere productiefactor wordt. Daarvoor is rekenkracht nodig. Datacenters zijn daarmee niet langer alleen plekken waar informatie wordt opgeslagen. “Ze zijn de fabrieken van de intelligentie-economie”, aldus Baarsma

Deze ontwikkeling is volgens haar al zichtbaar. In 2024 waren dataproducten goed voor 9,6% van het Nederlandse bbp. Naarmate gegevens economisch belangrijker worden, neemt ook de behoefte toe aan capaciteit om die data te verwerken. Daarvoor zijn onder meer CPU’s, GPU’s, NPU’s en andere gespecialiseerde chips nodig.

Volgens Baarsma kunnen AI-systemen informatie op een schaal verwerken die mensen niet kunnen bijbenen en complete processen uitvoeren in plaats van alleen afzonderlijke taken. Economische waarde ontstaat wanneer data met behulp van die systemen wordt omgezet in oplossingen, hogere productiviteit en nieuwe vormen van waardecreatie, geeft ze aan.

Toegang tot rekenkracht

Dat kan ook gevolgen hebben voor het Nederlandse ondernemingsklimaat. Startups en scale-ups zijn vaak verantwoordelijk voor nieuwe producten en bedrijfsmodellen, maar hebben daarvoor steeds vaker toegang nodig tot geavanceerde rekenkracht. Zonder voldoende infrastructuur dreigt die capaciteit vooral bij grote, internationale technologiebedrijven terecht te komen.

‘Datacenters worden de fabrieken van de intelligentie-economie’

Barbara Baarsma is hoofdeconoom van PwC.

“We moeten voorkomen dat toekomstige productiviteitsgroei wordt afgeremd door een tekort aan rekenkracht”, zegt Baarsma. “De chips die kunstmatige intelligentie mogelijk maken, worden economisch net zo bepalend als elektriciteit, transportnetwerken en telecommunicatie in eerdere tijdperken.”

Daarmee krijgt de discussie over datacenters ook een geopolitieke dimensie. Rekenkracht en opslagcapaciteit worden strategische middelen. Baarsma stelt dat Europa moet voorkomen dat het voor haar cruciale digitale infrastructuur volledig afhankelijk wordt van buitenlandse partijen.

Lees ook: Datacenters slokken energie op door AI, maar zijn cruciaal voor onze digitale soevereiniteit

Een mogelijk antwoord daarop zijn coöperatieve datacenters. Hiermee kunnen lokale bedrijven – van startups en scale-ups tot mkb-bedrijven en grote ondernemingen – gezamenlijk eigenaar worden van rekeninfrastructuur, terwijl ze de toegang delen.

“Zo’n model versterkt de technologische soevereiniteit van Europa en maakt AI-infrastructuur tegelijkertijd toegankelijker voor een bredere groep bedrijven”, zegt Baarsma.

Lees ook: Waarom Europa zijn eigen soevereine cloud moet bouwen

Niet ieder datacenter is wenselijk

Dit alles betekent niet dat Nederland zonder voorwaarden nieuwe datacenters moet toestaan. Juist vanwege netcongestie, watertekorten en milieugrenzen moeten exploitanten volgens Baarsma worden geprikkeld om zuiniger met stroom en water om te gaan.

Regelgeving kan hierbij helpen. Hogere waterprijzen kunnen bijvoorbeeld efficiënt gebruik stimuleren, terwijl dynamische elektriciteitstarieven datacenters kunnen aanzetten hun verbruik te verschuiven naar momenten waarop het net minder zwaar wordt belast. Batterijen kunnen op hun beurt worden ingezet om stroom tijdelijk op te slaan.

“De echte vraag voor Nederland is niet óf we meer datacenters willen, maar welke datacenters we willen”, aldus Baarsma. “Als datacenters strategisch worden geplaatst, zuinig omgaan met grondstoffen, onder Europese controle staan én bijdragen aan de Nederlandse intelligentie-economie, kunnen ze uitgroeien tot een van de belangrijkste investeringen in onze toekomstige productiviteit en welvaart.”

Meer over PwC
Partner van Consultancy.nl
Bedrijfsprofiel
Nieuws & updates