Waarom funding voor Nederlandse startups een uitdaging blijft

Waarom funding voor Nederlandse startups een uitdaging blijft

05 augustus 2026 Consultancy.nl
Waarom funding voor Nederlandse startups een uitdaging blijft

Nederland staat al jaren bekend als een vruchtbare voedingsbodem voor innovatie. Van fintech en AI tot duurzame energie en deeptech: nieuwe bedrijven weten hun weg naar de markt steeds beter te vinden. Toch blijft één onderwerp veel founders bezighouden: financiering. Dat blijkt uit een rondgang langs verschillende adviesbureaus.

Onderzoek van PwC laat zien dat er in de afgelopen kwart eeuw voor bijna €47 miljard aan durfkapitaal is geïnvesteerd in Nederland. In de media gaat de meeste aandacht uit naar de grootste financieringsrondes, zoals die van communicatieplatform Bird (meer dan €1 miljard in 2021), betaaldienstverlener Mollie (€665 miljoen in 2021) en onlinesupermarkt Picnic (€1 miljard tussen 2021 en 2024).

Over de hele linie gaat het echter om honderden investeringsdeals die jaarlijks worden gesloten.

Ondanks de beschikbaarheid van meer kapitaal en een groeiend aantal durfkapitaalfondsen, geven veel ondernemers aan dat het ophalen van financiering de afgelopen jaren niet eenvoudiger is geworden.

Een van de redenen daarvoor is dat een steeds groter deel van het beschikbare kapitaal naar scale-ups gaat: startups die zich al hebben bewezen en meerdere financieringsrondes hebben doorlopen. Voor de economie is dat een positieve ontwikkeling, want uit onderzoek van McKinsey & Company blijkt dat scale-ups de grootste potentie hebben om uit te groeien tot bedrijven die substantieel bijdragen aan de werkgelegenheid en economische groei.

Investeerders kijken anders naar groei

Een andere verklaring ligt in de veranderde beoordelingscriteria van investeerders. Enkele jaren geleden draaide een groot deel van de startupmarkt nog vooral om groeipotentie. Een sterk idee, een overtuigend team en een ambitieuze visie waren vaak voldoende om investeerders aan tafel te krijgen.

Tegenwoordig kijken investeerders in een uitdagender economisch klimaat veel kritischer naar de onderliggende cijfers. Omzetgroei, klanttractie en een realistisch verdienmodel wegen zwaarder dan voorheen. Startups moeten daardoor vaker aantonen dat er daadwerkelijk vraag is naar hun product of dienst voordat financiering beschikbaar komt.

Juist daarin ligt voor veel jonge bedrijven een belangrijke uitdaging. Daardoor komen zij minder gemakkelijk door de due diligence van investeerders.

Financiering uit meerdere bronnen

Voor veel ondernemers leidt deze ontwikkeling tot een zoektocht naar alternatieve financieringsbronnen naast venture capital. M&A-adviseurs constateren dat steeds meer startups gebruikmaken van verschillende vormen van financiering – en vaak ook combinaties daarvan – om hun groeiplannen te realiseren.

Denk bijvoorbeeld aan subsidies van de rijksoverheid of provincies, financiering vanuit innovatiefondsen, business angels, crowdfunding en alternatieve kredietverstrekkers zoals Floryn en Directa. Vooral in sectoren met lange ontwikkeltrajecten wordt deze aanpak steeds vaker toegepast.

Door meerdere financieringsbronnen te combineren ontstaan meer mogelijkheden en neemt de financiële flexibiliteit toe. Tegelijkertijd waarschuwen adviseurs dat dit ook de complexiteit vergroot. Het combineren van verschillende financieringsvormen vraagt om een doordachte financieringsstrategie, goed inzicht in de financiële positie en kennis van de impact van de verschillende instrumenten op de balans en de kasstromen.

Van startup naar scale-up

Het grootste knelpunt ligt niet bij de oprichting van een startup. Nederland kent een ondernemend ecosysteem en er worden jaarlijks veel nieuwe bedrijven opgericht. De echte uitdaging ontstaat meestal wanneer een jonge onderneming wil doorgroeien van startup naar scale-up. Volgens onderzoek van PwC loopt Nederland achter bij het voortbrengen van grote scale-ups en zogenoemde unicorns.

Juist in deze opschalingsfase neemt de kapitaalbehoefte sterk toe. Er is meer financiering nodig om internationaal uit te breiden, talent aan te trekken en de concurrentie aan te gaan met gevestigde spelers. Tegelijkertijd brengt deze fase grotere risico’s met zich mee voor investeerders.

Startups moeten daarom overtuigend aantonen dat hun organisatie schaalbaar is én op termijn winstgevend kan worden. Daardoor blijkt de stap van startup naar scale-up voor veel ondernemingen lastig te zetten en blijven sommige bedrijven langer in deze overgangsfase hangen dan oorspronkelijk voorzien.

Een realistischer investeringsklimaat

Samenvattend is de Nederlandse startupmarkt de afgelopen jaren niet per se minder aantrekkelijk geworden, maar wel realistischer. Kapitaal is nog altijd beschikbaar, maar investeerders zijn selectiever geworden in waar zij hun geld onderbrengen.

Voor ondernemers betekent dit dat een goed idee alleen niet meer voldoende is. Investeerders verwachten inzicht in de markt, een overtuigend groeiplan en een solide financiële onderbouwing. Dat maakt het aantrekken van financiering uitdagender. Tegelijkertijd zorgt deze ontwikkeling ervoor dat ondernemingen met een sterk en duurzaam bedrijfsmodel zich beter onderscheiden.

In een markt waarin kapitaal steeds selectiever wordt verdeeld, blijkt een gezonde basis uiteindelijk waardevoller dan snelle groei alleen.