‘Wat je intern opbouwt, zie je terug bij de klant’: To The Point Company over zijn topscore op cultuur
To The Point Company heeft in de Computable Career Guide 2026 de eerste plaatst bemachtigd op het gebied van bedrijfscultuur en beheersbare werkdruk. Voor oprichter Bas van Gils en Manager Talent Acquisition & Marketing Esther van der Hoorn is dat geen personeelszaak: hoe consultants intern samenwerken, bepaalt volgens hen wat de opdrachtgever krijgt.
De Computable Career Guide verschijnt jaarlijks en brengt in kaart hoe medewerkers hun werkgever in de ICT-sector beoordelen. In de 2026-editie behoort To The Point Company tot de 35 best beoordeelde werkgevers van het land. Op vier onderdelen eindigt het business-IT-adviesbureau op de eerste plaats: bedrijfscultuur, werksfeer en collegialiteit, business applications en business analytics, beheersbare werkdruk, en agile en scrum.
Voor oprichter Bas van Gils zit de waarde niet in de positie op de lijst. “De scores komen van de mensen die de organisatie iedere dag van binnenuit meemaken. Dat weegt zwaarder dan welke ranglijst dan ook.”
Interessanter vindt hij de vraag die eronder ligt. In de adviessector gaat het gesprek volgens Van Gils bijna altijd over vakinhoud, methodieken en expertise, en zelden over werkgeverschap. “Terwijl die twee veel dichter bij elkaar liggen dan meestal wordt aangenomen. Consultancy is een vak waarin de kwaliteit van de dienstverlening vrijwel volledig wordt bepaald door de mensen die het werk doen.”
Wat een consultant meeneemt naar de opdracht
Dat begint volgens hem bij een misverstand over hoe adviseurs werken. Een consultant opereert zelden volledig zelfstandig: achter iedere opdracht staat een organisatie waarin ervaringen worden gedeeld en collega’s meedenken over ingewikkelde vraagstukken.
“Wat je intern opbouwt, zie je terug bij de klant”, stelt Van Gils. “Een consultant neemt de collectieve kennis van zijn organisatie iedere dag mee naar de opdrachtgever. De kwaliteit van de interne samenwerking heeft daarmee directe invloed op de oplossing die er uiteindelijk ligt.”
Daarom hecht het bureau zoveel waarde aan collegialiteit en kennisdeling – niet als tekst in een missie, maar als voorwaarde om te kunnen leveren. Dat vraagt ook om een omgeving waarin fouten besproken kunnen worden zonder dat dit meteen als disfunctioneren wordt gelezen. Nieuwsgierigheid en reflectie ontwikkelen zich immers niet vanzelf.
Vrijheid werkt alleen met verantwoordelijkheid
De vraag die Van der Hoorn het vaakst krijgt, gaat niet over de inhoud van het werk maar over de vakantiedagen. To The Point Company werkt al jaren met onbeperkt vrije dagen, en kandidaten willen vooral weten hoe dat in de praktijk uitpakt.
Het antwoord ligt in wat binnen de organisatie de drie V’s heet: vertrouwen, vrijheid en verantwoordelijkheid. “Vertrouwen is voor ons de basis”, vertelt Van der Hoorn. “Daaruit volgt vrijheid, en dat zie je bijvoorbeeld terug in onbeperkt vakantiedagen. Maar die vrijheid bestaat natuurlijk niet zonder verantwoordelijkheid.”

Die combinatie blijkt in de praktijk belangrijker dan uitgebreide regels of controlemechanismen, aldus Van Gils. “Het werk is niet altijd eenvoudig. Maar mensen hebben invloed op de manier waarop ze het organiseren, en ze weten dat er collega’s zijn om op terug te vallen.”
Groei die zich niet laat plannen
Ontwikkeling ziet het bureau breder dan opleidingen en certificeringen. Die blijven belangrijk, maar minstens zo waardevol zijn de momenten waarop collega’s samen een workshop bouwen, ervaringen uitwisselen of elkaar helpen bij een complexe opdracht. Juist daar ontstaat groei die zich moeilijk laat plannen, maar die bij opdrachtgevers het verschil maakt.
Van der Hoorn koppelt dat aan een arbeidsmarkt die volgens haar niet zozeer krapper, maar vooral kritischer is geworden. Kandidaten vergelijken beter en prikken makkelijk door mooie woorden heen. Een organisatie die van buiten iets anders uitstraalt dan ze van binnen is, komt daar niet mee weg.
“Wat mensen zoeken is een plek waar vertrouwen echt voelbaar is en waar verantwoordelijkheid iets is wat je samen draagt”, zegt ze. “Dat is precies hetzelfde als wat een opdrachtgever nodig heeft: consultants die zich blijven ontwikkelen en die niet in hun eentje voor een vraagstuk staan.”
Voor Van Gils is de notering in de gids dan ook geen eindpunt, en zeker geen bewijs dat alles goed gaat. “Het is een bevestiging dat de cultuur waarin wij geloven ook zo wordt ervaren door de mensen die er dagelijks deel van uitmaken. En daar profiteert de klant uiteindelijk misschien nog wel het meest van.”

