Tevredenheid onder medewerkers daalt naar laagste niveau in zes jaar
De tevredenheid onder medewerkers in Europa – waaronder in Nederland – is teruggevallen naar het niveau van 2019, zo blijkt uit onderzoek van Highberg. De gevolgen hiervan worden al zichtbaar: ook de betrokkenheid en bevlogenheid van medewerkers nemen af.
“De resultaten van dit jaar zijn een serieuze waarschuwing voor directies en HR-teams”, zegt Henrieke van Bommel, Capability Lead Culture, Diversiteit & Research bij Highberg. Ze doelt hiermee vooral op de employee net promoter score (eNPS). Dat is een maatstaf om uit te drukken hoe tevreden medewerkers zijn. Dit jaar komt deze uit op 42 – de laagste score in zes jaar tijd. Vorig jaar was de score nog 50.
Een hoge eNPS betekent dat werknemers gemiddeld genomen te spreken zijn over hun werkgever en daardoor minder snel geneigd zijn om te vertrekken. Een lage score impliceert het tegenovergestelde.
“Het behouden van talent, in een tijd van economische onzekerheid, geopolitieke ontwikkelingen en snelle technologische ontwikkelingen, is cruciaal voor organisaties”, aldus Van Bommel. “De huidige eNPS van Europa is wat dat betreft dus zorgelijk.”

Promotors, passief tevredenen en criticasters
Binnen het eNPS-model wordt onderscheid gemaakt tussen drie soorten werknemers. De promotor is een enthousiaste ambassadeur van een bedrijf. Daarnaast is er de passief tevreden medewerker. Het derde type is de criticaster.
Uit de analyse van Highberg blijkt dat het aandeel Europese promotors is gedaald van 58% naar 54%. Het aandeel criticasters groeide juist van 3% naar 12%. “Dit creëert mogelijk problemen voor organisaties”, zegt Van Bommel. “Deze verschuiving wijst namelijk op een afnemende loyaliteit en tevredenheid van werknemers.”

Volgens de onderzoekers staan organisaties voor een drievoudige uitdaging: de promotors tevreden houden, een deel van de passief tevredenen transformeren tot promotors en het aantal criticasters terugbrengen naar nul. “Dat laatste is de ultieme uitdaging.”
Overigens staan Europese organisaties er op dit vlak wel beter voor dan tien jaar geleden. In 2016 was maar liefst 26% van de medewerkers een criticaster en slechts 42% een promotor.
Bevlogenheid
De bevlogenheid van medewerkers ligt dit jaar op het laagste niveau sinds de start van het onderzoek van Highberg. Het aandeel weinig bevlogen werknemers nam toe van 23% naar 30%, terwijl het percentage zeer bevlogen medewerkers met 4 procentpunten daalde naar 12%.
“Dat betekent dat de gemiddelde werknemer minder enthousiast is over zijn of haar werk”, licht Van Bommel toe. “Dit is zorgelijk omdat minder enthousiasme kan leiden tot een lagere productiviteit, wat de bedrijfsresultaten negatief beïnvloedt.”

Bevlogenheid is een uitkomst van de eNPS. “We zien terug in de data dat medewerkers met een hogere tevredenheid meer bevlogen zijn. 20% van de promotors is zeer bevlogen, terwijl datzelfde geldt voor slechts 5% van de criticasters.”
Daarentegen is het aantal weinig bevlogen medewerkers erg laag onder promotors (13%) vergeleken met de criticasters (69%). “Dus hoe hoger de eNPS, des te meer bevlogen de werknemers. Dat resulteert op zijn beurt weer in een hogere productiviteit en een gezonder werkleven.”
Retentie
Volgens Van Bommel kan de historisch lage bevlogenheid ook leiden tot vluchtneigingen. “De huidige retentiecijfers laten zien dat dit geen theoretisch risico is, maar een reële ontwikkeling”, geeft ze aan.

In 2025 wilde 58% van de werknemers hetzelfde werk blijven doen bij dezelfde werkgever, nu is dat nog maar 55%. Tegelijkertijd geeft 29% aan liever voor een andere organisatie te willen werken, vorig jaar was dat 28%.
Ook retentie is een uitkomst van de eNPS. Wanneer de tevredenheid van een werknemer hoger is, is het waarschijnlijker dat deze bij dezelfde werkgever wil blijven. Onder promotors heeft 79% deze intentie, terwijl dat bij criticasters 50% is. De andere helft van de criticasters wil dus het liefst voor een andere werkgever werken, tegenover 21% van de promotors.
“Gelukkig bevat ons onderzoek ook oplossingen”, geeft Van Bommel aan. “Door actief te sturen op empowerend leiderschap en medewerkers expliciet mee te nemen in de AI-transitie, kunnen werkgevers het vertrouwen en de betrokkenheid weer herstellen.”


