Strategie anno 2026: Een bredere agenda en meer focus op adaptiviteit
De strategische agenda van de Nederlandse boardroom is breder dan ooit, terwijl scherp kiezen lastiger wordt en adaptiviteit mainstream is geworden. Dat blijkt uit het Strategie Trendsonderzoek 2026 van Berenschot, gebaseerd op een enquête onder ruim 600 bestuurders, directieleden en managers.
Het jaarlijkse onderzoek brengt sinds 2007 in kaart welke thema’s de strategische agenda bepalen. De editie van 2026 laat een duidelijke verschuiving zien: niet één nieuw thema domineert, maar het aantal onderwerpen met vergelijkbare prioriteiten groeit.
De top vijf wordt gevormd door arbeidsmarkt, innovatie en disruptie, de energietransitie, digitalisering en wet- en regelgeving. Tegelijk schuiven AI en geopolitiek in rap tempo op naar het hart van de strategievorming. AI bereikt in 2026 een vergelijkbaar belang als digitalisering, wat volgens de adviseurs duidt op een verschuiving van experimenteel naar strategisch noodzakelijk.
De prioriteit van geopolitiek nam zelfs nog sterker toe: waar in 2025 slechts 12% van de respondenten geopolitiek als strategisch onderwerp benoemde, is dat in 2026 18% – mede gevoed door onrust in het Midden-Oosten, handelsoorlogen en groeiende afhankelijkheid van de Verenigde Staten.

Inmiddels merkt 29% van de organisaties directe impact van stijgende handelstarieven en beperkte toegang tot personeel, grondstoffen en materialen. Volgens het rapport dwingt dat bedrijven hun internationale strategie te herzien, met meer aandacht voor stabiele afzetmarkten en het verkleinen van strategische afhankelijkheden.
Groei verwacht, maar margedruk dwingt tot scherpte
Ondanks de onrust blijft de groeiverwachting hoog: 92% van de organisaties rekent op groei in 2026, vooral door innovatie, uitbreiding van de dienstverlening bij bestaande klanten en internationalisering.
Tegelijk knelt de marge. Ongeveer een vijfde van de organisaties kan de stijgende kosten niet volledig doorberekenen. De gemiddelde kostenstijging ligt op 4,1%, terwijl de prijzen slechts met 3,8% omhoog gaan.

“De consequentie voor de boardroom is helder: de agenda is breder dan ooit, waardoor het moeilijker wordt om scherp te kiezen”, zegt Luddo Oh, senior managing consultant bij Berenschot. “Juist daarom wordt prioriteren een strategische competentie op zichzelf: niet alles kan tegelijk, en een brede agenda vraagt om expliciete keuzes, focus en fasering.”
Adaptiviteit wordt mainstream
De verbreding van de agenda gaat hand in hand met een tweede beweging: organisaties bouwen meer flexibiliteit in hun strategie in. Inmiddels onderschrijft 77% van de respondenten het principe dat de stip op de horizon blijft staan, maar dat de route ernaartoe flexibel wordt ingevuld op basis van kansen en bedreigingen.
Strategie is daarmee geen blauwdruk meer, maar een levend systeem dat continu wordt bijgestuurd op basis van data en veranderende omstandigheden.
Tegelijk waarschuwen de adviseurs voor de keerzijde. Bij 26% van de organisaties is er geen concrete stip op de horizon, maar slechts een brede richting. Berenschot ziet dat als een signaal dat onzekerheid soms tot strategische vaagheid leidt in plaats van wendbaarheid.
Echte wendbaarheid vraagt juist om scherpe keuzes rond de inzet van mensen, budgetten en competenties, zodat heralloceren mogelijk is zodra omstandigheden wijzigen.
De planningshorizon verschuift ondertussen naar de middellange termijn: 43% plant in 1 tot 3 jaar, 41% in 3 tot 5 jaar en slechts 13% kijkt verder vooruit. Organisaties die wel met een langetermijnaanpak werken, scoren volgens het onderzoek beter op de doorvertaling van strategie naar KPI’s, proceseigenaarschap en duidelijke rollen.
“Strategische vaagheid wordt in de praktijk nog vaak verward met wendbaarheid”, besluit Marlon Drent, senior consultant bij Berenschot. “Wendbaarheid is het vermogen om snel en doelgericht te reageren op verandering – en daar strategisch voordeel uit te halen. Dat lukt alleen als de keuzes scherp blijven.”
