Nieuw dataplatform aanschaffen? Deze drie zaken maken het verschil
Het selecteren van een nieuw dataplatform brengt diverse uitdagingen met zich mee. Vergelijken is complex en het doorgronden van welke oplossing aansluit bij de specifieke wensen en eisen van een organisatie vergt zorgvuldige afweging. Klaas-Jan Molendijk en Sam Vermeule van BCE noemen drie belangrijke redenen waarom deze keuze uitdagend is – en belichten tegelijk enkele succesfactoren die het verschil kunnen maken bij het vinden van het juiste platform.
De wereld van dataplatforms is complex: er zijn veel aanbieders, een groot aantal oplossingen lijkt op elkaar, kosten zijn lastig te doorgronden en vaak ontbreekt het aan kennis om gedetailleerd inzicht te verkrijgen in welke tool het meest geschikt is voor de eigen organisatie.
“Snowflake, Databricks, Microsoft Fabric, Google BigQuery, Amazon Sagemaker – ze bieden veel van hetzelfde”, erkent Klaas-Jan Molendijk, partner bij BCE. “En hun functionaliteiten lijken ook op elkaar: BI-tools, realtime data processing, cloud data warehousing, open standaarden, AI-functionaliteit, enzovoorts.”
Organisaties verliezen zich vaak in het analyseren van technische mogelijkheden en hun aansluiting op interne processen. Molendijk waarschuwt dat dit zelden de juiste aanvliegroute is: “Voor 90% van de organisaties maken de verschillen in technische functionaliteiten die er zijn eigenlijk helemaal niets uit. Hun data en processen zijn gewoon niet complex genoeg. Het is alsof je een Formule 1-auto koopt om door een woonwijk te rijden.”
Dit fenomeen wordt ook wel het overkwalificatiesyndroom genoemd. Molendijk roept beslissers op hun functionele checklists en uitgebreide mappingstrajecten voor het nieuwe dataplatform weg te leggen. Let daarentegen juist op factoren die wél het verschil maken voor de selectie en later ook het daadwerkelijke gebruik.
1: Onafhankelijkheid
De eerste van de drie factoren die volgens BCE bepalend zijn, is de mate van onafhankelijkheid die bij het nieuwe dataplatform komt kijken. Sam Vermeule, Business/IT Consultant bij BCE: “Welke onafhankelijkheden zijn belangrijk? Technologie-onafhankelijkheid of cloud-onafhankelijkheid? Dit bepaalt hoe eenvoudig de switch naar het platform kan worden gemaakt en hoe het platform opereert binnen de bredere IT-infrastructuur van de onderneming.”

Neem technologie-onafhankelijkheid. Het ene uiterste is all-in-one oplossingen van bijvoorbeeld Google of Microsoft. Maximale afhankelijkheid. Het andere uiterste is een samengestelde oplossingen waarbij verschillende diensten en oplossingen bij verschillende leveranciers worden ingekocht.
“En bij cloud-onafhankelijkheid geldt: Snowflake en Databricks kunnen op meerdere clouds draaien. Bij Google BigQuery of Microsoft Fabric kan dit niet”, schetst Vermeule. “En zo zijn er nog tal van onafhankelijkheidsvraagstukken die van belang zijn. Kijk dus goed welke vormen belangrijk zijn voor de organisatie.”
2: Snel aan de slag met standard bouwblokken
Ten tweede het gebruik van standaard bouwblokken. Vroeger hadden bedrijven vaak een voorkeur voor maatwerk in hun IT-oplossingen. Tegenwoordig bieden geavanceerde systemen standaardmodules die zowel de juiste mate van maatwerk als flexibiliteit bieden.
“Belangrijke overwegingen om onder de loep te nemen zijn: Heeft het platform standaard bouwblokken die uitblinken? Plug-and-play koppelingen met jouw huidige systemen? Kant-en-klare dashboards? Voorgebouwde AI-modellen? Dit soort features geven meteen een voorsprong, zonder de noodzaak om te moeten coderen”, zegt Vermeule.

3: Sourcing van het dataplatform
De derde bepalende overwegingsfactor is de keuze voor de sourcing van het dataplatform. Valt de keuze op SaaS of PaaS?
“Bij SaaS-platformen zoals Microsoft Fabric, Snowflake of Amazon Sagemaker is er al veel geregeld, waardoor organisaties snel aan de slag kunnen”, legt Vermeulen uit. “Bij PaaS-platformen zoals Google BigQuery of Databricks hebben organisaties meer vrijheid, maar ook de noodzaak om meer zelf te regelen.”
Conclusie
Molendijk benadrukt tot slot dat er geen standaard antwoorden zijn op de vraag welk dataplatform het beste is: dat is afhankelijk van de wensen en kenmerken van jouw specifieke organisatie.
“De kunst is om de beslissing te herleiden tot wat ertoe doet, en wat je kunt loslaten”, geeft hij aan. “Aan het einde van de rit ligt voor de meeste organisaties de succesfactor niet in de platformkeuze zelf. Deze drie zaken maken het verschil: onafhankelijkheid, standaard bouwblokken en de keuze tussen SaaS of PaaS.”

