AT Osborne helpt Antoni van Leeuwenhoek met bouw van radionuclidecentrum
Het Amsterdamse Antoni van Leeuwenhoek is bezig met het bouwen van een nieuw radionuclidecentrum. AT Osborne ondersteunt het project van de planningsfase tot en met de oplevering.
Een radionuclidecentrum richt zich onder meer op het ontwikkelen en bereiden van radioactieve geneesmiddelen voor diagnostiek en therapie. “Ook zullen binnen het nieuwe centrum radioactieve stoffen worden verwerkt voor wetenschappelijk onderzoek”, vertelt Bernies van der Hiel, hoofd van de nucleaire geneeskundepraktijk van het Antoni van Leeuwenhoek.
“In het nieuwe Radionuclidecentrum zijn de mogelijkheden vele groter dan in het oude”, legt ze uit “We zijn al bezig met subsidieaanvragen zodat we direct na de opening van start kunnen gaan met innovatieve onderzoeksprojecten.”
Lastige puzzel
“Er komt heel wat kijken bij de bouw van zo’n soort centrum”, vertelt Jeroen Hendrikx, ziekenhuisapotheker bij het Antoni van Leeuwenhoek. “We werken daarom nauw samen met AT Osborne, want het is een complexe opgave.”
“Het nucleaire aspect maakt het bijzonder, maar het is ook een uitdaging om een nieuw centrum te bouwen in een omgeving waar de zorg ondertussen gewoon doorgaat”, vertelt Matthijs Winkelaar van AT Osborne.
Om de hinder tot een minimum te beperken, is de bouw van het nieuwe radionuclidecentrum in fases opgedeeld. “Het is anders dan dat je begint in een leeg weiland: dit vraagt om specifieke expertise”, zegt Winkelaar.
Binnen het bouwproces is AT Osborne verantwoordelijk voor het projectmanagement, vanaf de initiatiefase tot en met de uitvoering en de oplevering van het nieuwe radionuclidecentrum. “Momenteel bevindt het project zich in de fase waarbinnen het ontwerp verder wordt uitgewerkt, inclusief plattegronden en technische installaties”, zegt Winkelaar. “Dat is een lastige puzzel, want het moet binnen de bestaande muren passen.”

Daarnaast moet de productie van het huidige radionuclidecentrum doorgaan, terwijl ernaast een nieuw centrum uit de grond wordt gestampt. “We moeten bij het projectmanagement dus ook rekening houden met de straling en luchtdruk”, licht Winkelaar toe.
Geen ontploffingsgevaar
Hoewel radioactieve stoffen niet ongevaarlijk zijn, is er geen reden om rekening te houden met een eventuele kernramp nu het Antoni van Leeuwenhoek een nieuw radionuclidecentrum krijgt. Er is bestaat namelijk een groot verschil tussen het opwekken van radioactiviteit, wat in een kerncentrale gebeurt, en het werken met medische isotopen, wat in het Antoni van Leeuwenhoek gebeurt.
“Wij krijgen radioactieve stoffen binnen, maar die vervallen heel snel”, legt Hendrikx uit. “Dus we moeten die dezelfde dag nog verwerken tot een geneesmiddel en toedienen aan de patiënt, want anders zijn ze weg. Men hoeft dus niet te vrezen voor ontploffingsgevaar.”
Daar heeft opa nog aan meegewerkt
“Het is mooi dat je dit mag meemaken tijdens je carrière, zo’n centrum neerzetten”, zegt Hendrix. “Dat je als opa tegen je kleinkinderen kan zeggen: kijk, daar heeft opa nog aan meegewerkt.”
“Ja, als je er dan weer zo over praat dan denk je wel weer: dit wordt zo mooi!”, voegt van der Hiel toe. “Dit is echt uniek!”
“Voor mij als projectmanager is het heel leuk om te zien hoe betrokken iedereen in het ziekenhuis is”, aldus Winkelaar. “Zeker in het begin vragen we veel van mensen die ook nog hun gewone dagelijks werk hebben, maar iedereen denkt graag mee, merk ik tot mijn grote genoegen.”
