Het meetbaar maken van inclusie bouwt voort op datagedreven werken

Het meetbaar maken van inclusie bouwt voort op datagedreven werken

18 mei 2026 Consultancy.nl
Het meetbaar maken van inclusie bouwt voort op datagedreven werken

Inclusie is een belangrijke doelstelling voor gemeenten. Tegelijkertijd is het een complex vraagstuk, omdat het verschillende doelgroepen raakt en lastig meetbaar is. Als gemeenten effectief willen sturen op inclusie, is een verschuiving naar een datagedreven manier van werken noodzakelijk, schrijven experts van Van Dam Datapartners.

Inclusiebeleid draagt bij aan positieve effecten op inwoners. Door inclusiebeleid ervaren inwoners meer veiligheid en voelen ze zich meer gehoord. Daarnaast voorkomt inclusiebeleid dat inwoners structureel worden buitengesloten: mensen ontvangen gelijke behandeling als burger, op de arbeidsmarkt en het bevordert participatie.

Inclusie is echter een complex vraagstuk: het raakt verschillende domeinen en doelgroepen en is niet vanzelfsprekend meetbaar. Harde cijfers vertellen bovendien maar een deel van het verhaal. Juist daarom is het belangrijk om gestructureerd en datagedreven te werk te gaan.

Inzicht in reeds beschikbare data

Een belangrijk startpunt is het benutten van reeds bestaande data. Hiervoor moet eerst bepaald worden wat de doelgroep precies is. In de praktijk zijn er grofweg twee typen doelgroepen te onderscheiden.

Enerzijds is er de groep die specifiek onder het VN-Verdrag Handicap valt, met thema’s als toegankelijkheid, rolstoelvriendelijkheid en mobiliteit. Anderzijds gaat het om maatschappelijke inclusie, zoals LHBTI-gemeenschappen, religieuze minderheden, mensen met een migratieachtergrond of mensen met een mentale kwetsbaarheid. Uiteraard raakt inclusie uiteindelijk iedereen, maar deze indeling helpt om gerichter te sturen.

Voor een deel van de doelgroep beschikken gemeenten al over relevante data. Dit is met name voor de mensen die een lichamelijke of mentale beperking hebben. Denk aan Wmo-data: Wmo-indicaties, gebruik van voorliggende voorzieningen en gegevens van uitvoeringsorganisaties. Door deze databronnen te combineren, ontstaat er inzicht in de omvang van doelgroepen, de spreiding binnen de gemeente en het gebruik van ondersteuning en voorzieningen.

Een andere vorm van data die al reeds verzameld wordt, zijn discriminatiemeldingen. Deze bieden een eerste indicatie van ervaren uitsluiting. Ook deze data zijn vaak al te vinden.

Dit inzicht maakt het mogelijk om beleid beter te onderbouwen en gerichter te sturen. Inclusie wordt daarmee niet alleen een ambitie, maar ook een vraagstuk waarop, voor zover mogelijk, gemonitord kan worden. Tegelijkertijd kent deze benadering een heel duidelijke beperking. Data laten zien wat er gebeurt, maar niet hoe inwoners het ervaren.

Daarnaast weet niet iedereen de weg te vinden naar de gemeente. Zo vragen inwoners die recht hebben op een Wmo-indicatie deze niet altijd aan. Ook wordt een groot deel van discriminatie vaak niet gemeld. Dit vormt een belangrijk hiaat in de beschikbare data rondom inclusie.

Aanvullende inzichten

Om inclusie dus écht goed te begrijpen, is aanvullende informatie nodig. Met name op het gebied van sociale inclusie zijn data vaak beperkt beschikbaar. Dit gaat namelijk om gevoelige persoonsgegevens en deze mogen niet zomaar geregistreerd worden vanwege privacyrisico’s en mogelijke uitsluiting.

Toch zijn er wel manieren om inzichten te vergroten. Denk aan anonieme inwonersenquêtes over ervaren inclusie en gelijke kansen of landelijke bronnen vanuit het College van de Rechten van de Mens, het CBS of SCP. Ook de GGD voert gezondheidsmonitors uit waar interessante vragen aan inwoners worden gesteld, die per gemeente op te vragen zijn. Dit geeft al meer inzicht in hoe inclusiviteit ervaren wordt.

Daarnaast zijn gesprekken met ervaringsdeskundigen en inwoners een onmisbare bron van informatie. Zij weten waar het knelt en waar verbetering nodig is, en kunnen eventueel al richting geven in een beleidsoplossing. Deze combinatie van kwantitatieve en kwalitatieve inzichten is essentieel.

Waar cijfers richting geven, zorgen ervaringen voor duiding: waarom voelen inwoners zich wel of niet geaccepteerd? Waardoor voelen zij zich buitengesloten? En wat is er nodig om hen wel volwaardig mee te laten doen?

Deze gesprekken kunnen een beeld vormen van de hoedanigheid waarin iemand zich onderdeel voelt van de maatschappij, hoe diegene kansen(on)gelijkheid ervaart en of er voldoende toegankelijke of sociale voorzieningen zijn om mee te doen in de maatschappij.

Wat levert dit op?

Door inclusie meetbaar te maken en te sturen op zowel cijfers als ervaringen, ontstaan gerichtere beleidskeuzes en wordt het mogelijk om effecten beter te monitoren. Ervaringen van inwoners geven context aan de cijfers en maken zichtbaar wat de impact van beleid daadwerkelijk is.

Hierdoor kan worden toegewerkt naar een gemeentelijke dienstverlening die verder gaat dan alleen basisvoorzieningen. Door structureel te monitoren, gesprekken te voeren en enquêtes uit te zetten, wordt zichtbaar wat werkt en waar bijsturing nodig is.

Deze effecten dragen uiteindelijk bij aan het grotere doel: een inclusieve samenleving waarin iedereen kan meedoen. Daarbij blijft het belangrijk om zorgvuldig met data om te gaan en deze alleen te gebruiken binnen de juiste context.

Tot slot

Voor gemeenten die effectief willen sturen op inclusie kan de opgave groots aanvoelen, of kan het lastig zijn te bepalen waar precies te beginnen. Daarom is het belangrijk om niet alles in één keer te willen doen. Juist een eerste Lokale Inclusie Agenda kan zich focussen op het opbouwen van inzichten, het stapsgewijs verbeteren van de dataverzameling en het structureel in gesprek gaan met ervaringsdeskundigen.

Hierdoor kan gerichte verbetering plaatsvinden en groeit inclusie van een abstract begrip naar een concreet vraagstuk, met echte impact op het dagelijks leven van inwoners: niet over inwoners, maar met inwoners.

More on: Van Dam Datapartners
Netherlands
Company profile
Van Dam Datapartners is a Netherlands partner of Consultancy.org
Partnership information »
Partnership information

Consultancy.org works with three partnership levels: Local, Regional and Global.

Van Dam Datapartners is a not a partner of Consultancy.org.

Upgrade or more information? Get in touch with our team for details.