Transparantie als basis voor de verdere groei van ESG-beleggen

30 maart 2023 Consultancy.nl 5 min. leestijd
Profiel
Meer nieuws over

De aandacht onder asset managers voor ESG-beleggen neemt de komende jaren fors toe. Wat drijft de groei van de sector? En tegen welke uitdagingen lopen asset managers aan? Cherien van Ampt van financial services consultant Varrlyn schijnt haar licht op deze en andere vragen rond ESG-beleggen.

De laatste jaren is het bedrijfsleven steeds meer in de ban van environmental, social en governance (ESG), oftewel het idee dat bedrijven een bredere verantwoordelijkheid hebben dan het maximaliseren van hun winst. Ze moeten oog hebben voor hun impact op de gehele maatschappij en onze natuurlijke leefwereld.

Een van de gebieden waar ESG een grote impact heeft, is de beleggingswereld. Investeerders – institutionele beleggers zoals pensioenfondsen voorop – introduceren op grote schaal (en snelheid) ESG-doelstellingen in hun beleggingsportefeuilles.

Cherien van Ampt, Stream Lead Dealingroom & Sustainability Services, Varrlyn

De gevolgen hiervan worden steeds zichtbaarder. “Sommige pensioenfondsen investeren niet langer in de wapenindustrie, tabaksfabrikanten of oliemaatschappijen. Anderen doen geen zaken meer met partijen uit bepaalde landen”, vertelt Cherien van Ampt, Stream Lead Dealingroom & Sustainability Services bij Varrlyn.

Dergelijke overwegingen drijven de markt voor ESG-assets – beleggingsproducten die voldoen aan hoge ESG-standaarden. Volgens Bloomberg liggen ESG-assets op koers om in 2025 een waarde van meer dan $53 biljoen te bereiken, waarmee ze tegen die tijd goed zijn voor meer dan een derde van de gehele markt voor assets onder management.

Ongeveer de helft van alle ESG-assets hebben volgens Bloomberg betrekking op investeringen in Europa. “Europa loopt wereldwijd gezien voorop in ESG investing”, zegt Van Ampt. “Wet- en regelgeving vanuit de Europese autoriteiten speelt hierin een aanjagende rol”, voegt ze toe, wijzend op onder meer de EU Taxonomy en Sustainable Finance Disclosure Regulation (SFDR), die gericht zijn op het verbeteren van de transparantie binnen de markt voor duurzame beleggingen.

Omdat het moet en goed is

De verschuiving naar duurzaam beleggen wordt echter lang niet alleen voortgedreven vanuit Brussel, benadrukt Van Ampt. “Natuurlijk is er de veelgehoorde reden ‘omdat het moet en goed is’ – dikwijls hebben we in het verleden gezien dat bedrijven die ESG niet serieus nemen worden afgerekend door stakeholders, eigen medewerkers of zelfs activistische aandeelhouders.”

Voor asset managers betekent dit in de eerste plaats dat ze ESG-criteria moeten laten meewegen in de beleggingsbeslissingen die ze nemen namens hun klanten. “Hierbij speelt ook mee dat de enorme grootte van de asset management-sector het een belangrijke spil maakt in het voortstuwen van bredere verandering: als zij duurzaam investeren, stimuleren ze tegelijk andere bedrijven om ook duurzamer te worden.”

Langetermijnwaarde

Daarnaast blijkt duurzaam beleggen ook gewoon te lonen, geeft Van Ampt aan. “ESG investing kan leiden tot rendementen die niet onderdoen voor het rendement van traditionele financiële beleggingen, verschillende studies hebben dit ook aangetoond.”

De literatuur laat zien dat ESG-beleggingen daarbij een tweeledig voordeel kunnen hebben. Ten eerste kunnen ze het rendement verhogen omdat bedrijven die hun ESG op orde hebben beter presteren dan het marktgemiddelde. Ten tweede zorgt het dat assets worden vermeden die grote klimaat- en maatschappelijke risico’s met zich meebrengen, en daarmee ook beleggingsrisico’s vormen.

“Er is een gebrek aan vergelijkbaarheid van ESG-statistieken, en het is lastig om investeringsposities geruisloos met elkaar te vergelijken.”

Het is illustratief voor de bredere trend waar ESG-beleggen deel van uitmaakt, waarin bedrijven en investeerders “afstand nemen van kort termijnperspectieven van risico’s en rendementen, om de duurzaamheid op langere termijn beter tot uiting te laten komen in de beleggingsprestaties”, legt Van Ampt uit.

“Er zijn steeds meer investeerders die vinden dat de duurzaamheid van financiën bredere externe factoren moet omvatten om het rendement en de winst op de lange termijn te maximaliseren”, geeft ze aan.

De uitdaging: transparantie en consistentie

In reactie op de snelgroeiende interesse in ESG-beleggingen en de inzichten die nodig zijn om de juiste investeringsbeslissingen te nemen, schieten ESG-ratingproviders als paddenstoelen uit de grond.

“Het aantal ESG-indexen, aandelen- en vastrentende fondsen en ETF’s loopt nu in de honderden en blijft groeien”, schetst Van Ampt. “Wat dat betreft zijn de financiële markten wendbaar gebleken om op transparante en klantgerichte wijze in te spelen op de vraag van beleggers.”

Er kleeft echter ook een keerzijde aan deze ontwikkeling, waardoor op die transparantie het een en ander valt af te dingen. Van Ampt: “Al deze spelers zijn commerciële partijen, en ze hebben elk zo hun eigen manier om ESG-ratings toe te kennen. Hierdoor is er een gebrek aan vergelijkbaarheid van ESG-statistieken, en is het lastig om investeringsposities geruisloos met elkaar te vergelijken.”

Uit onderzoek dat de bekendste ESG-ratingsproviders vergelijkt komt naar voren dat ESG-ratings sterk kunnen variëren, afhankelijk van factoren zoals de gekozen aanbieder, kaders, gebruikte indicatoren en metrics, kwalitatieve beoordeling en weging van subcategorieën.

“Dit gebrek aan vergelijkbaarheid van ESG-ratings maakt het voor beleggers moeilijk om de grens te trekken tussen het beheren van materiële ESG-risico’s binnen hun beleggingsmandaten en het nastreven van ESG-resultaten waarvoor mogelijk een afweging in financiële prestaties nodig is”, waarschuwt ze.

Van Ampt ziet het als een taak voor de financiële sector om te zorgen voor vooruitgang op dit gebied. “Dit vereist meer inspanningen op het gebied van transparantie, consistentie van statistieken, vergelijkbaarheid van ratingmethoden en afstemming op financiële materialiteit.”