Voorbij de Grote Drie: Is dit het moment van de middelgrote verzekeraar?

Voorbij de Grote Drie: Is dit het moment van de middelgrote verzekeraar?

21 april 2026 Consultancy.nl
Voorbij de Grote Drie: Is dit het moment van de middelgrote verzekeraar?

Soms lijkt het alsof de Nederlandse verzekeringsmarkt alleen maar draait om ‘de Grote Drie’. Dat is een misvatting, zeggen IG&H Managing Directors Jan-Pieter van der Helm en Anouk Zevenbergen: juist kleine en middelgrote verzekeraars hebben de wendbaarheid om volop te profiteren van technologische disruptie. Hun boodschap: je hoeft geen koploper te zijn, maar je moet wél bewegen.

De Nederlandse verzekeringsmarkt wordt gedomineerd door drie grote spelers, in de sector bekend als de ‘Grote Drie’: Achmea (5,3 miljoen verzekerden), VGZ (4,0 miljoen) en CZ (3,8 miljoen). Op enige afstand volgt Menzis als vierde met 1,9 miljoen verzekerden.

Daaronder bevindt zich een lange lijst van kleine en middelgrote verzekeraars, grofweg in te delen in twee categorieën: partijen die zich ooit breed positioneerden, en specialisten met een nichefocus.

Wat zij gemeen hebben, is dat zij allemaal te maken krijgen met technologiegedreven disruptie. “Ze staan voor ingrijpende keuzes die hun toekomst bepalen”, zegt Anouk Zevenbergen, Managing Director in de Financial Services-praktijk van IG&H.

“Beide groepen staan onder druk om de winstgevendheid te behouden en tegelijk de transitie te maken naar het volgende operationele model: voldoen aan hogere klantverwachtingen, met gestroomlijnde, geautomatiseerde en AI-gedreven processen – die klantvriendelijk én veilig zijn.”

Technologie als versneller

“Technologie is een enorme versneller”, legt Jan-Pieter van der Helm uit, Managing Director in de Insurance-praktijk van IG&H. “Vroeger kon je kleine taken automatiseren en wat kosten besparen. Nu kun je je hele bedrijfsmodel transformeren en nieuwe concepten bedenken.”

Grote verzekeraars kunnen tientallen miljoenen investeren in dit soort transities. Kleinere partijen hebben dat budget simpelweg niet.

“Als je nu niet handelt, verlies je vrijwel zeker de vrijheid om over tien jaar nog je eigen koers te bepalen.”

Van der Helm en Zevenbergen merken dat kleinere verzekeraars hierdoor hun eigen relevantie in twijfel trekken. “Als de grote spelers hier heel goed in worden, wat betekent dat dan voor mij? Maak ik dan nog een kans?”, schetst Van der Helm de zorgen.

Positie van kracht

Hij begrijpt de gedachte, maar ziet het zelf heel anders: kleine en middelgrote verzekeraars zijn momenteel juist “hot”, stelt hij zonder enige ironie. Ze hoeven zich helemaal niet bedreigd te voelen of defensief op te stellen – ze zijn juist wendbaarder dan de reuzen.

“Op dit moment kunnen ze keuzes maken vanuit een positie van kracht”, stelt Zevenbergen. “De meeste verzekeraars zijn financieel gezond.”

Willen ze deze positie benutten, dan is het wel belangrijk dat ze in actie komen. “Als je nu niet handelt, verlies je vrijwel zeker de vrijheid om over tien jaar nog je eigen koers te bepalen”, geeft ze aan.

De slimme volger

Het is bekend dat grote verzekeraars fors investeren in technologie. Maar kleine spelers hoeven dat helemaal niet bij te houden. “Het is niet nodig om overal voorop te lopen”, benadrukt Zevenbergen. “Maar je kunt wél een slimme volger zijn. Kijk om je heen naar wat werkt en zorg dat je een helder beeld hebt van hoe je technologie wilt inzetten.”

Technologie is volgens Zevenbergen geen doel op zich, en hoeft ook niet altijd groots te zijn. “Ik zie organisaties die processen digitaliseren waar het waarde toevoegt voor de klant, de adviseur of de organisatie – en idealiter voor alle drie.”

“Maar op andere gebieden kiezen ze bewust voor het menselijke contact. Denk aan ingrijpende klantmomenten, zoals een woningbrand. Dan wil niemand een chatbot. Dan wil je een mens, empathie en ondersteuning. Het draait om balans en de juiste keuzes.”

AI: verder kijken dan kostenbesparing

Agentic AI – een vorm van kunstmatige intelligentie die zelfstandig taken kan uitvoeren – wekt grote verwachtingen in de markt. Het zou een flink deel van het traditionele werk van schadebehandelaars en acceptanten kunnen overnemen. Maar Van der Helm plaatst een kanttekening: de besparingen ogen op papier groter dan ze in werkelijkheid zijn.

Hij schetst de kostenstructuur: 60% van de uitgaven van een verzekeraar gaat naar schade-uitkeringen, circa 20% naar provisies en de resterende 15 tot 20% naar bedrijfsvoering. Dat laatste deel is waar je kunt besparen. “Maar als je alleen dáár op focust, doe je jezelf tekort”, aldus Van der Helm.

“Toekomstbestendig blijven vraagt meer dan een scherpe propositie of een goed draaiende operatie – het vraagt om een integrale aanpak.”

De substantiële waarde ontstaat wanneer AI je helpt om die 60% aan schadelast te verlagen door slimmer te prijzen en risico’s beter te voorspellen. “Dáár zit de echte winst.”

Slimmere pricing maakt het werk van de actuaris overigens niet eenvoudiger. “Niet makkelijker, maar beter”, zegt Van der Helm. “Een actuaris kijkt terug en zegt: zo moet het zijn. Met AI-modellen kun je vooruitkijken. Of je bouwt tools in je schadeprocessen die fraude verminderen. Dat is het leervermogen dat je opbouwt, en dat is niet zo eenvoudig te kopiëren als het vervangen van een schadebehandelaar.”

Hergroeperen en rimpeleffecten voorkomen

Grote verzekeraars zijn al ver met het stroomlijnen van hun systeemlandschappen naar wendbare ecosystemen. Middelgrote verzekeraars kunnen volgens Zevenbergen en Van der Helm profiteren van ondersteuning bij die transitie – niet alleen tijdens de transformatie, maar ook erna.

Ze vergelijken het met de overstap van een oude benzineauto naar een elektrische auto. “Als je niet weet hoe je erin moet rijden, haal je er nooit het maximale uit”, aldus Van der Helm. “Je moet erin duiken, op specifieke punten hulp zoeken en leren om alle functies te benutten. Je moet heel anders gaan rijden.”

“Toekomstbestendig blijven vraagt meer dan een scherpe propositie of een goed draaiende operatie – het vraagt om een integrale aanpak”, concludeert Zevenbergen.

“De grens tussen de ‘voorkant’ en ‘achterkant’ van verzekeraars vervaagt”, legt ze uit. “Denk aan klantportalen waar gebruikers informatie vinden, gegevens aanpassen of schades melden. Wat aan de buitenkant soepel aanvoelt, heeft aan de binnenkant robuuste technologie, efficiënte processen en vakkundige mensen nodig.”

De sleutel ligt volgens Zevenbergen in die samenhang. “Je moet begrijpen wat klanten en adviseurs drijft, hoe de markt verschuift en welke interne uitdagingen je hebt. Het doel moet zijn om werkende oplossingen te creëren.”

“Zo voorkom je het klassieke waterbedeffect – een probleem op één plek oplossen, om het ergens anders te zien opduiken”, legt ze uit. “Daarom is het cruciaal om vandaag de juiste ondersteuning te zoeken, zodat je morgen een slimme volger kunt zijn.”

More on: IG&H
Netherlands
Company profile
IG&H is a Netherlands partner of Consultancy.org
Partnership information »
Partnership information

Consultancy.org works with three partnership levels: Local, Regional and Global.

IG&H is a Local partner of Consultancy.org in Netherlands.

Upgrade or more information? Get in touch with our team for details.