Rob Jetten huurt ‘bekend groot adviesbureau’ in voor prijsplafondstudie

14 november 2022 Consultancy.nl 3 min. leestijd
Meer nieuws over

Op 1 januari moet het prijsplafond ingaan. Er is echter nog altijd veel onduidelijkheid over de regeling. Minister Jetten heeft nu een “bekend groot adviesbureau” ingeschakeld om een rekenmodel op te stellen dat bepaalt hoe de vele miljarden overheidsgeld straks worden verdeeld.

Het prijsplafond voor energie werd in allerijl opgetuigd om te voorkomen dat Nederlanders (verder) in de geldproblemen komen door de gigantisch gestegen energieprijzen. In november en december krijgt ieder huishouden €190 compensatie en vanaf 1 januari geldt tot een bepaald verbruik een maximumprijs voor energie.

Minder duidelijk is echter hoe de regeling er achter de schermen uit zal zien. Een eerste grote vraag is hoeveel de regeling gaat kosten. Deze onzekerheid is niet weg te nemen: de kosten hangen immers samen met de gasprijs, en niemand weet hoe die zich zal ontwikkelen. Daarmee lopen de potentiële kosten uiteen van 10 tot wel 40 miljard euro.

Minister Rob Jetten

De tweede onduidelijkheid is hoe dit geld precies wordt verdeeld. Verschillende Kamerleden maken zich zorgen dat de vele miljarden die de overheid in het prijsplafond steekt deels zullen eindigen in de zakken van de energiebedrijven, in plaats van bij de burgers.

Het is de bedoeling dat energiebedrijven volgend jaar genoegen nemen met een beperkte winstmarge, zo liet minister Rob Jetten van Klimaat en Energie vorige week weten aan de Kamer. Via het prijsplafond neemt de overheid immers een deel van hun risico’s over: veel minder klanten zullen in de betalingsproblemen komen, zodat het risico op wanbetalers fors afneemt.

Onmogelijk vast te stellen

Maar hoe garandeer je dat deze ‘beperkte winstmarge’ ook daadwerkelijk beperkt blijft? Jetten moest de Kamer vorige week mededelen dat het nog niet was gelukt een rekenmethode vast te stellen om deze marges te beperken. De Autoriteit Consument & Markt (ACM) zou aanvankelijk de marges controleren, maar de toezichthouder gaf de opdracht vorige week terug.

ACM-bestuursvoorzitter Martijn Snoep liet de Kamer weten dat het “onmogelijk” is om per bedrijf een marge vast te stellen. “Je werkt in een omgeving die heel litigieus is”, gaf hij daarbij aan. Anders gezegd: zodra de ACM als controleur mogelijk een boete zou uitdelen, zijn de energiebedrijven snel geneigd naar de rechter te stappen.

Wie van de drie (of vier)?

Om alsnog tot een rekenmethode te komen waarmee een redelijke winstmarge kan worden vastgesteld, heeft Jetten nu “een bekend groot adviesbureau” ingeschakeld.

Het is niet bekend welk adviesbureau precies aan de haal is gegaan met de prestigieuze klus, maar afgaande op Jettens omschrijving lijkt de kans groot dat het gaat om een van de Big Four-kantoren of een van de drie MBB-strategiebureaus, die regelmatig aan boord worden gehaald voor dergelijke analyses.

Het uitverkoren bureau krijgt de taak om de gemiddelde winstmarge van elke leverancier over de afgelopen drie jaar te berekenen. Het idee is dat dan vervolgens een maximale marge wordt vastgesteld die onder de historische marge ligt. Vanaf uiterlijk maart – maar het liefst sneller – moeten deze marges gaan gelden.

Naming and shaming

Dat betekent wel dat het prijsplafond maximaal twee maanden van kracht zou zijn zónder dat de rekenmethode wordt ingezet. In theorie zouden de energiebedrijven gedurende die tijd hun consumentenprijzen kunstmatig kunnen opschroeven, in de wetenschap dat de overheid het extra geld toch wel bijlegt.

Dit wil Jetten voorkomen door de energiebedrijven achteraf te controleren, en door maandelijks openbaar alle tarieven te publiceren. “Dat is bijna naming and shaming”, zo liet de minister weten.

Hij onderhandelt al weken met de energiebedrijven over het prijsplafond, maar er is nog altijd geen witte rook. Waar vanuit energiebedrijven de afgelopen weken twijfels werden geuit over het tijdig ingaan van de regeling, herhaalde Jetten in de Kamer dat het prijsplafond volgens plan op 1 januari van kracht wordt: “Op dit moment is er geen aanleiding om eraan te twijfelen dat we dat gaan halen.”