Museum Van Marken heeft kans van slagen in Delft

23 augustus 2019 Consultancy.nl 2 min. leestijd
Profiel
Meer nieuws over

Adviesbureau BMC heeft in opdracht van Stichting Museum Van Marken een haalbaarheidsonderzoek uitgevoerd naar de realisatie van Museum Van Marken. Conclusie: “Een Museum Van Marken kan een onderscheidende en waardevolle toevoeging bieden op het bestaande museale aanbod in Delft”, aldus de onderzoekers van BMC. 

Het museum kan in combinatie met het nabijgelegen Agnetapark een positieve bijdrage leveren aan Delft als innovatieve en verbindende stad en nieuwe doelgroepen aanboren in de categorie ‘kwaliteitstoerisme’, zowel lokaal, nationaal als internationaal, zeggen Marco van Vulpen en Jurjen Weemstra, senior adviseurs bij adviesbureau BMC. Het tweetal voerde dit jaar een haalbaarheidsonderzoek uit en overhandigde de positieve eindrapportage onlangs aan Bas Vollebregt, wethouder Economie, Cultuur, Grondzaken en Vastgoed van de gemeente Delft. 

Het museum, dat in het teken zal staan van sociaalondernemer Jacques Van Marken, kan volgens de onderzoekers ook dienen als een aanvulling op het museumaanbod in de stad. Zo staat Delft momenteel met name bekend om zijn museums die aandacht besteden aan Willem van Oranje, Johannes Vermeer en Delfts Blauw. Aan Delft ten tijde van de 19e en 20e eeuw wordt in musea aldaar maar weinig aandacht besteed, terwijl deze periode zeer belangrijk is geweest voor de stad. 

Museum van Marken in Delft heeft kans op slagen

Jacques van Marken heeft met zijn echtgenote Agneta – naar wie het park is vernoemd dat Van Marken liet aanleggen – de Delftse economie destijds een grote impuls gegeven. Zo richtte hij verschillende bedrijven op, zoals Calvé en Gist & Spiritusfabriek (dat nu onderdeel is van DSM). Van Marken was een vooruitstrevende ondernemer en stelde als eerste in ons land een ondernemersraad in, net zoals hij één van de eersten was die zijn medewerkers voorzag van een pensioenregeling. Verder inspireerde hij met zijn sociale ondernemerschap onder andere de familie Philips, die net zoals Van Marken allerlei voorzieningen in haar vestigingsstad realiseerde. 

Veel inwoners van Delft voelen zich om die reden verbonden met Van Marken. Het museum moet dit gevoel van herkenning versterken en in de toekomst een schakel vormen tussen de moderne tijd en de industriële revolutie waarin andere technologieën en kunst- en cultuuruitingen de dienst uitmaakten. Destijds had Delft bijvoorbeeld veel kennis in pacht over de productie van gist en slaolie, terwijl het momenteel met zijn TU veel expertise in huis heeft op het gebied van watermanagement en klimaatverandering. Dergelijke verschillen tussen heden en verleden moeten door middel van wisseltentoonstellingen eveneens aan het museumpubliek gaan worden getoond.