Zuid-Holland koploper in het binnenhalen van Europese subsidies
De provincie Zuid-Holland heeft van alle provincies in Nederland de meeste Europese subsidies ontvangen in het afgelopen jaar. Dat blijkt uit een benchmark van ERAC.
Het consultancybureau gespecialiseerd in businessecosystemen en subsidies houdt al jaren bij hoeveel Europees subsidiegeld naar de Nederlandse provincies gaat. Uit de meest recente benchmark blijkt dat Zuid-Hollandse organisaties tussen 1 januari 2021 en 1 september 2025 meer dan €2,4 miljard ontvingen uit Europese subsidiepotjes.
Binnen Zuid-Holland ontving de TU Delft het meeste geld uit Europa (ruim €290 miljoen), gevolgd door onderzoeksbureau TNO (ruim €150 miljoen) en de Universiteit Leiden (€144 miljoen). De Rijksoverheid kreeg in deze periode €270 miljoen aan Europese subsidies.
In totaal kregen 2.636 projecten van bijna duizend Zuid-Hollandse organisaties subsidies. Volgens ERAC zijn hierdoor meer dan 36.000 banen gecreëerd.
Het bureau merkt op dat een relatief groot deel van het Europese geld is besteed aan het innovatievermogen van de provincie. Van de €2,4 miljard ging ruim een half miljard euro naar innovatieprojecten, ruim €400 miljoen naar energieprojecten en bijna €350 miljoen naar de circulaire economie.
“Europese subsidies zijn belangrijk voor Zuid-Holland”, reageert gedeputeerde Mariëtte van Leeuwen. “We hebben hier veel kennisinstellingen die zich vooral richten op innovaties en verduurzaming. Het is goed dat zij hun weg weten te vinden naar Brussel.”

Op nummer twee in de lijst van provincies die de meeste subsidies ontvingen staat Noord-Holland met €1,4 miljard. Het minste geld uit Europa ging naar Flevoland (nog geen €50 miljoen), gevolgd door Drenthe (€56 miljoen) en Zeeland (€63 miljoen).
Kijkend naar de subsidies per inwoner, springt Groningen eruit. Omgerekend naar het aantal inwoners kreeg Groningen €826 per inwoner, fors meer dan de €650 per inwoner in Zuid-Holland. Ook in dit overzicht staat Flevoland onderaan.
Van geld naar impact
ERAC benadrukt in de benchmark dat het bedrag aan subsidies niet het volledige verhaal vertelt. Het gaat ook om de manier waarop de middelen worden ingezet en de impact die daaruit voortvloeit.
De onderzoekers raden beleidsmakers bij provincies aan om onder meer te kijken naar de verdeling van middelen over programma’s en ontvangers, en de doelmatigheid en impact van de uitgaven te monitoren.
Europese subsidies
Er zijn verschillende vormen van Europese subsidies. De bekendste zijn structuur- en cohesiefondsen, gericht op regionale ontwikkeling en het verkleinen van economische verschillen; onderzoek- en innovatieprogramma’s zoals Horizon Europe; landbouw- en plattelandsfondsen via het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid; milieu- en energieprogramma’s voor duurzaamheid en klimaatadaptatie; en noodhulpfondsen voor herstel na een natuurramp of crisis.
Deze subsidieregelingen worden uitgevoerd op verschillende niveaus: het nationale niveau (rijksoverheid), het regionale niveau (provincies) en het lokale niveau (gemeenten). Per jaar gaat het om miljarden euro’s aan Europees subsidiegeld.
