McKinsey: 130.000 banen in retail verdwijnen door IT en concurrentie

21 november 2016 Consultancy.nl

De Nederlandse retailsector staat op een belangrijk kruispunt. Niet tijdig inspelen op een reeks megatrends, zoals robotisering, buitenlandse concurrentie, de opkomst van e-commerce en veranderend winkelgedrag, zal de economische en maatschappelijke rol van de sector in gevaar brengen. In dat geval gaan mogelijk 130.000 voltijdbanen verloren en wordt tussen de 20% en 35% van de huidige en geplande winkelruimte overbodig. Daarvoor waarschuwt McKinsey & Company in een rapport opgesteld in opdracht van brancheorganisatie Detailhandel Nederland.

Volgens de onderzoekers van het strategisch advieskantoor is de retailsector een van de belangrijkste sectoren voor de Nederlandse economie. Met een omzet van €104,6 miljard levert het retailsegment ongeveer 8% van het Bruto Binnenlands Product – ter vergelijking: retail levert zo’n 3,5% meer toegevoegde waarde op dan de sectoren voedselverwerking en machinebouw/productie samen. Verder schept de retailmarkt ongeveer 9% van het aantal banen – de 477.000 voltijdsfuncties zijn goed voor 7% van het totaal aantal voltijdsbanen. Daarnaast heeft de branche ook een groot indirect effect op de werkgelegenheid, bijvoorbeeld op het gebied van transport, logistiek en advertenties.

Small retailers account for 99% of companies

Het retail landschap is zeer gefragmenteerd te noemen. Zo bestaat de sector vooral uit kleine retailers – zo’n 99% van in totaal zo’n 110.000 ondernemingen – die goed zijn voor zo’n 60% van het aantal FTE’s en 40% van de omzet. In totaal beschikken circa 98.000 ondernemingen in Nederland over een fysieke winkel – waarvan 63% door onafhankelijke ondernemers wordt gerund. Door de snelle opkomst van online telt ons land inmiddels 28.820 webwinkels, onderdeel van de portefeuille van de resterende 12.000 retail ondernemingen.

Ongeveer twee derde van de retailomzet komt voort uit het non-food segment, waarbij kleding, meubels, huishoudartikelen en elektronica de grootste categorieën vormen. Traditionele aanbieders van eetwaren, die producten aanbieden aan de eindconsument, zijn goed voor een derde van de retailomzet.

About two-thirds of retail turnover comes from non-food

Megatrend: e-commerce

De onderzoekers van McKinsey identificeren in het rapport enkele megatrends die reeds een impact hebben op de retailmarkt, of die dat de komende jaren zullen hebben. De eerste trend is niet verrassend de opkomst van e-commerce, die een enorme weerslag heeft op de retailuitgaven in de markt. Zo zijn online uitgaven in het non-food segment vandaag de dag goed voor zo’n 11% van de totale non-food retailomzet in Nederland. Hoewel dit iets lager ligt in verhouding tot vergelijkbare landen, groeien de online verkopen in Nederland wel sneller dan in onze buurlanden (16% in Nederland versus 12% in Duitsland, 10% in België en 13% in Frankrijk).

The shift online is apparent in all non-food categories, but impact differs widely

Deze verschuiving heeft een impact op alle non-food categorieën, maar op sommige meer dan op anderen. Over het algemeen is er bij producten met een ‘hoge zekerheid’ – waar consumenten precies weten wat ze kopen – en een hoge waarde per aankoop, zoals consumentenelektronica, online een hogere omloopsnelheid zichtbaar. “Voor dit type product voelen consumenten zich minder geneigd om de kwaliteit offline te checken en het online kanaal maakt het mogelijk om prijzen te optimaliseren”, schrijven de onderzoekers.

De verschuiving naar online zet een enorme druk op de winstmarges in de markt en de offline winkelervaring. Kijkend naar de omzet, was de stijging in online sales van de afgelopen drie jaar, naar €1,8 miljard, niet voldoende om de 2,8 miljard terugloop in offline sales te compenseren. Volgens McKinsey liggen drie redenen hieraan ten grondslag.

Growth in online non-food turnover

Allereerst groeit in ons land het aantal buitenlandse retailers. Zo’n 14% van de totale online non-food verkopen in 2015 was afkomstig van buitenlandse spelers, zoals Zara, Amazon en andere bekende grote sites. Deze trend is snel in opkomst – niet-Nederlandse spelers zagen hun Nederlandse verkopen tussen 2014 en 2015 met 32% toenemen. Verder heerst bij online shoppers een lagere drang tot het doen van impulsaankopen. Op basis van de data geeft zo’n 8% van de respondenten aan dat zij bij het online shoppen altijd of vaak iets kopen dat ze vooraf niet van plan waren te kopen, afgezet tegen zo’n 16% van de respondenten bij offline aankopen.

De derde reden heeft te maken met de neerwaartse druk op prijzen, die zorgt voor lagere marges. De opkomst van vergelijkingsplatformen heeft de transparantie in de markt vergroot, discounters hebben hun marktaandeel aanzienlijk uitgebouwd en het verschepen van producten vanuit het buitenland wordt ook steeds goedkoper. “Dit heeft geleid tot meer prijsdruk bij retailers”, aldus de McKinsey & Company consultants. 

Tegelijkertijd is er sprake van een hevige concurrentiestrijd tussen retailers om klanten aan zich te binden, waardoor de kosten stijgen. Retailers moeten er voor zorgen dat hun websites klantvriendelijk zijn, zich bijvoorbeeld aanpassen aan mobiele wensen van klanten, en dienen advertentiekosten te maken om online gevonden te worden. Het is de combinatie van deze verschillende elementen die zorgt voor een druk op de winstgevendheid van retailers.

Vacancy rates have risen and foot traffic has declined

Minder winkeliers, minder keus

De verschuiving van offline naar online brengt voor fysieke ketens en consumenten diverse consequenties met zich mee. Winkelstraten zien steeds minder bezoekers afkomen op de winkelgebieden, waarbij kleine steden hun bezoekersaantallen sinds 2005 zelfs met een kwart hebben zien teruglopen. Dit heeft gevolgen voor de retailruimte die nodig is in winkelgebieden. De retail-leegstand in Nederland bedraagt inmiddels meer dan 10%, waar het in 2010 nog slechts 6% bedroeg. Afgezien van het feit dat dit slecht nieuws is voor vastgoedverhuurders en gemeenten, is het ook een slechte zaak voor zowel de winkelketens als de consument. Uit een door McKinsey doorgevoerde survey blijkt dat ongeveer de helft van de respondenten aangaf dat de leegstandcijfers binnen hun favoriete winkelgebied de afgelopen vijf jaar sterk zijn verslechterd – een op de vijf beoordeelt de huidige leegstand als ‘slecht’ of ‘zeer slecht’.

De bovenstaande ontwikkelingen hebben ook een neveneffect als het gaat om de keuze binnen een winkelstraat. Door de dalende offline verkopen en toenemende concurrentie van grotere spelers zijn verhoudingsgewijs veel kleinere spelers in de problemen geraakt. Het aantal kleine retailers is tussen 2007 en 2016 afgenomen met 9% en het aantal middelgrote partijen met 26%. Daarmee namen in 2015 de grote spelers bijna 40% van de totale retailruimte voor hun rekening – in 2007 bedroeg dit nog 32%. Niet alle grote spelers hebben de benodigde omwenteling succesvol gemaakt – in de afgelopen periode gingen warenhuis V&D, elektronicaketen Scheer & Foppen en de sportwinkels van Perry Sport, om er enkele te noemen, over de kop. Toch zijn het over de hele linie vooral de kleine winkels die verdwijnen en weten grotere spelers met succes te overleven.
 

Als gevolg hiervan is ook de diversiteit van het winkelaanbod teruggelopen. Een veelgehoorde klacht van consumenten is dat ze in de binnenstad veelal dezelfde winkels tegenkomen bij het shoppen, waarmee de inspiratie en verrassingselementen, zoals ze die voorheen bij het winkelen ervoeren, voor een (groot) deel zijn verdwenen. Het onderzoek van McKinsey onderschrijft dit: een op de vijf respondenten gaf aan dat de diversiteit van het aanbod en de mix tussen non-food ketens en unieke lokale winkels de afgelopen vijf jaar is verslechterd, waarmee de winkelervaring in kwaliteit is afgenomen. “Winkelen is verschoven van ‘fun-shopping’ (vanuit sociale doeleinden, contact, inspiratie en ontspanning) naar meer doelbewust aankopen doen (gericht, gepland, vanuit urgentie en koopjesjacht)”, schrijven de adviseurs.

Online supermarket spending is still small but growing fast

Ecommerce in food segment

In het foodsegment, dat goed is voor circa 33% van de totale retailmarkt, is de impact van online versus offline een stuk kleiner te noemen, zo niet verwaarloosbaar. Vandaag de dag bedraagt het aandeel van online aankopen van voedingsmiddelen circa 1,4% ten opzichte van de totale food retailomzet van €36,4 miljard (2015). “Dit aandeel is de afgelopen periode met 20% per jaar gestegen, maar de verschuiving richting online is (nog) bij lange na niet zo verstorend als binnen het non-food retailsegment”, aldus de onderzoekers. 

Belangrijkste drempels voor het online aankopen van eetwaren zijn, onder meer, dat de producten na aankoop niet direct beschikbaar zijn voor consumptie (59% van de respondenten gaf aan dat dit een belangrijke reden om niet meer online boodschappen te doen), zorgen over de kwaliteit (58%) en zorgen over de kosten van de aankoop (50%). Deelnemers van de focus groep voegden nog toe dat de nabijheid van supermarkten en de ad hoc aard van boodschappen doen ook zorgt voor minder behoefte om online te shoppen. Toch zijn er ook enkele uitzonderingen te noemen: veel gezinnen met twee werkende ouders, bijvoorbeeld, zien de mogelijkheid om online boodschappen te kunnen doen als een zeer welkome dienst.

Nog veel meer megatrends

Het onderzoek onderscheidt nog tal van overige megatrends in de markt. Op basis van interviews met zo’n vijftig CEO’s van retailers, winkeleigenaren en andere betrokken stakeholders binnen de financiële en vastgoedsectoren, stelden de onderzoekers een shortlist op met ongeveer vijftig essentiële ontwikkelingen die de branche de komende jaren op z’n kop zullen zetten. Voorbeelden zijn onder andere: de vergrijzende bevolking, 3D printing, artififical intelligence voor omnichannel, internationale concurrentie en de opkomst van platformen/marktplaatsen. Ook toekomstige verschuivingen in de bevolkingssamenstelling, consumentgedrag, innovatie en trends als de deeleconomie zorgen er voor dat in de periode tot 2025 nieuwe kansen en bedreigingen voor de Nederlandse detailhandel ontstaan.

Four major trends are driving changes in the sector

De consultants waarschuwen dat als de retailsector onvoldoende inspeelt op al deze ontwikkelingen bedrijven het risico lopen hun concurrentiepositie in gevaar te brengen – zowel in ons land (in verhouding tot andere sectoren) als ten opzichte van het buitenland. Om de mogelijke gevolgen te illustreren berekenden de onderzoekers de potentiële impact die twee trends – automatisering en de groei van buitenlandse online spelers – zouden kunnen hebben.

Automatisering en concurrentie uit het buitenland

McKinsey stelt dat op de lange termijn gemiddeld 30% - 35% van retailactiviteiten de kans loopt om geautomatiseerd te worden. Het automatiseringspotentieel ligt vooral hoog voor activiteiten binnen magazijnen (ongeveer 70%) en in winkels (25%). Omdat de business case betrekking heeft tot 2025 deden de consultants bovendien een aanname in de berekening. In de komende tien jaar, zal slechts 30% tot 35% van het ‘totale automatiseringspotentieel’ daadwerkelijk benut worden, omdat veel retailers moeite zullen hebben om een winstgevende business case te kunnen realiseren. “Maar weinig bedrijven kunnen snel de benodigde investeringen doen; veel organisaties zullen moeten wachten tot de prijzen voor nieuwe technologieën betaalbaarder zijn”, aldus de onderzoekers. Al met al staat tegen 2025 zo’n 10% - 18% van fulltime banen op het spel, wat zich vertaalt naar ongeveer 55.000 banen tot 130.000 banen.

Automation and shifts to online foreign retailers put 55000 - 130000 full-time retail jobs at risk

De onderzoekers schatten dat tot 2025 het aandeel van buitenlandse online spelers met zo’n 20% tot 40% zal gaan groeien – in 2015 lag dit aandeel op 14% van de totale online uitgaven. Het marktaandeel dat buitenlandse partijen zullen binnenhalen gaat ten koste van banen in ons land – McKinsey heeft berekend dat tussen de 50% en 90% van de activiteiten van zulke spelers met personeel buiten de Nederlandse grenzen wordt ingevuld. Dit leidt tegen 2025 tot een mogelijk banenverlies van 5.000 tot 45.000 banen, als gevolg van de verschuiving naar deze buitenlandse spelers. 

“Als gevolg van deze twee trends, verdwijnt mogelijk tussen de 10% tot 25% van de werkgelegenheid in de retailsector, of tussen de 55.000 en 130.000 fulltime banen”, aldus de onderzoekers. In de nasleep daarvan zakt de bijdrage van de Nederlandse retailsector aan het BBP mogelijk met 0,3 tot 1 procentpunten, van de huidige 3,4%. Dit zal een grote impact hebben op de winkelleegstand: McKinsey schat dat bij ongewijzigd beleid 20% tot 35% van de huidige en geplande winkelruimte overbodig zou kunnen worden, waarbij vooral de ‘non food’ hard wordt geraakt. Een verschraling van het winkelaanbod is een andere serieuze waarschuwing die het bureau afgeeft. 

Aanbevelingen

“Niet tijdig ingrijpen kan grote gevolgen hebben”, aldus McKinsey, maar de vraag blijft: hoe nu verder? De consultants hebben hiervoor allerlei adviezen opgesteld. Allereerst raden ze individuele winkeliers aan zelf meer te innoveren en hun winkelbeleving onderscheidend te maken – in de combinatie aanbod van goederen en diensten, gemak, service, vermaak en inspiratie. Ook zullen ze meer binnen de keten moeten samenwerken om de steeds hogere verwachtingen van de klant waar te maken en winstgevend te blijven. Dit zal geen gemakkelijke taak zijn – het vereist volgens de adviseurs flinke aanpassingen in het organisatiemodel en de talentopbouw.

03 to 1 percentage point of sectors GDP contribution is at risk

Door hun krachten te bundelen met overige partijen kunnen ze elkaar versterken en beter in staat zijn om samen een vuist te maken naar vooral de buitenlandse spelers. Winkeliers kunnen bijvoorbeeld gezamenlijk Nederlandse producten en diensten aanprijzen in het buitenland, terwijl Nederlandse online marktplaatsen zullen moeten inzetten op een lokaal product- en dienstenaanbod, een naadloze integratie van online en offline en versnelde invoering van technologie. Meer samenwerking is bovendien nodig in alle gelederen van de branche. Vastgoedeigenaren en winkeliers moeten samenwerken om meer variatie en beleving te creëren in de resterende winkelgebieden. Gemeenten moeten daarnaast samenwerken met alle spelers in de keten om er voor te zorgen dat winkelgebieden hun aantrekkingskracht behouden.

Ook vanuit de overheid moet meer actie ondernomen worden. Bovenaan de agenda staat bijvoorbeeld het aanpassen van regelgeving om een gunstig groeiklimaat te creëren. Daarbij gaat het bijvoorbeeld om versoepeling van het arbeidsrecht, zodat winkeliers flexibeler met personeel kunnen omgaan. Ook raden de consultants aan dat met fiscaal beleid wordt voorkomen dat lagere overheden nog meer gebieden een winkelbestemming toekennen. Gemeenten worden tenslotte aangespoord om meer haast te maken met het aanpassen van bestemmingsplannen.

De politiek en de branche aan zet

Het rapport van McKinsey, getiteld ‘Werk aan de winkel: de Nederlandse detailhandel in versnelling richting 2025’, is begin deze maand door Guido van Woerkom, de voorzitter van Detailhandel Nederland, overhandigd aan premier Mark Rutte. Hij riep de premier op om de problemen samen met de winkelbranche op te lossen. In een reactie op het rapport liet Rutte weten: “Er is veel werk aan de winkel. Het laat zien dat Nederlandse winkeliers, ondanks moeilijke tijden en grote uitdagingen, met frisse ondernemingszin de toekomst tegemoet treden.”

Nieuws

Meer nieuws over