Tegenwind turbinefabrikanten slechts tijdelijk

08 oktober 2009 Roland Berger Strategy Consultants


Windenergie neemt ondanks crisis de komende jaren een hoge vlucht

Amsterdam, donderdag 8 oktober 2009 – Het zijn zware tijden voor windturbinefabrikanten. Door de crisis is er, vooral voor grote windparkprojecten, een gebrek aan financiering. Deze tegenwind is echter van tijdelijke aard, zegt Roland Berger Strategy Consultants. Roland Berger voorspelt dat de markt binnenkort de wind weer vol in de zeilen krijgt met een groei van 17 procent per jaar tot 2012.

Ondanks deze groei komen de grote windturbinefabrikanten wel onder druk te staan. Volgens het strategisch adviesbureau kunnen ze rekenen op flinke concurrentie van opkomende kleinere spelers. Sinds 2005 is het marktaandeel van de top-4 windturbinefabrikanten al afgenomen van 73% tot 55%. “Zaak om deze periode van tijdelijke luwte optimaal te benutten en aanwezig te zijn in de groeigebieden,” zegt Benno van Dongen, partner van Roland Berger Nederland. “De aanhoudende groei wordt gestimuleerd door de overheidsdoelen van Europa, de Verenigde Staten, China en India. Zij willen het aandeel duurzame energie structureel en aanzienlijk vergroten.”

Europa: 120 miljard
Zo heeft Europa als doel gesteld om in 2020 20% van haar energie uit duurzame bronnen te generen, waarvan 11% tot 14% uit windenergie. Om dit te bewerkstelligen wordt tussen 2011 en 2020 een totaal van 120 miljard euro geïnvesteerd. De Verenigde Staten heeft als doel 20% van de totale energievoorziening uit windenergie te laten bestaan in 2030. China wil in 2020 een windenergie capaciteit van 100 gigawatt bereiken en India 40 gigawatt.

Van Dongen: “De verschillende overheden willen hun aandeel in windenergie vergroten om de onzekerheid over olie- en gasprijzen en -voorraden te verminderen. Daarbij komt dat ze ook graag hun duurzaamheidsimago willen verbeteren om daarmee te voldoen aan de EU-doelstellingen voor 2020. Bovendien is windenergie sneller te ontwikkelen: het bouwen van een windpark duurt gemiddeld drie tot vijf jaar, aanzienlijk korter dan een conventionele energiecentrale die op gas of kolen wordt gestookt. Veel nieuwe windparken zullen de komende jaren op zee worden gebouwd, omdat het daar harder waait, en omdat op land de ruimte voor windparken beperkt is.”

Windenergiekosten moeten omlaag
Om zonder subsidies de concurrentie aan te kunnen gaan met traditionele energiebronnen, moeten de kosten voor windenergie afnemen. De grootste kostenpost voor windenergie is de prijs van de turbine zelf, verantwoordelijk voor meer dan 50% van de totale levensduurkosten. Om de windenergiekosten te verlagen, moeten dus de kosten voor de turbine omlaag. Dit zal waarschijnlijk ook gebeuren, omdat de onderhandelingspositie van de grote windturbinefabrikanten onder druk komt te staan.

De opkomst van nieuwe, vaak lokale spelers op de markt, zorgt voor steeds meer concurrentie. Daarnaast is de afmeting van het gemiddelde windpark 20% gegroeid in de afgelopen vier jaar. De komende jaren worden veel grotere projecten van meer dan 50 megawatt verwacht, vooral offshore. Hierdoor worden er minder,  maar wel grotere bestellingen per keer geplaatst. Dit vergroot de competitie onder windturbinefabrikanten nog verder. “De grote spelers moeten dus wel zakken met hun prijzen,” zegt Van Dongen.

Adviesbureau Roland Berger raadt de fabrikanten aan de huidige rust in de markt aan te grijpen om hun marktpositie te beschermen. “De grootste uitdaging is om de omzetgroei in de komende jaren veilig te stellen. Hiervoor moeten fabrikanten investeren in offshore windenergie, en in de belangrijkste groeimarkten: Europa, de Verenigde Staten, China en India.

Nieuws