Grant Thornton: Bedrijfsleven staat nog pal achter euro

26 maart 2012 Consultancy.nl

Ondanks de nog voortdurende vertrouwenscrisis omtrent de euro als gevolg van de schuldencrisis, zijn ondernemers van landen in de eurozone nog steeds warm voorstander van de gezamenlijke munteenheid. De introductie van de euro is volgens vier van de vijf ondernemers (78%) destijds van positieve invloed geweest op hun business. Opvallend is Nederlandse ondernemers amper gehoor geven aan het sentiment dat bij Nederlandse consumenten lijkt te leven: maar liefst 98% is van mening dat Nederland de euro als munteenheid moet handhaven. Dit blijkt uit onderzoek van Grant Thornton onder 1.300 zakenmensen in Europa en een aantal aangrenzende landen.

Zie ook: Veel kritiek op adviesbureau Lombard Street Research na Guldenonderzoek voor PVV

Euro handhaven
De gunstige effecten van de euro zijn volgens de ondervraagde CFO’s, managing directors, bestuurs-voorzitters en kaderleden: de toename van onderlinge handel binnen muntunie (23%), het verdwijnen van wisselkoersrisico’s (15%) en meer prijstransparantie (12%). Hoewel 57% van de ondervraagden als nadeel van de introductie de stijgingen in kosten en prijzen benoemt, wil 92% dat de munteenheid blijft bestaan. Het meest positief over de impact van de euro zijn Finland (90%) en België (84%), Italië is het minst enthousiast: minder dan de helft wil dat de euro overeind blijft (48%). Nederland zit met 68% bij de middelmatig positieven, net als Duitsland (79%) en Frankrijk (71%). Vrijwel alle ondervraagde Nederlandse ondernemers (98%) willen in elk geval dat Nederland de euro als munteenheid handhaaft. Alleen Finse ondernemers zijn daar nog stelliger in: 100%.

Hoge staatsschuld
Frank Ponsioen, bestuurslid Grant Thornton: “De grootste uitdaging van het moment is het reduceren van de staatsschulden. Bij het Verdrag van Maastricht, precies 20 jaar geleden, werd bepaald dat landen bij toetreding tot de eurozone maximaal 60% van het Bruto Binnenlands Product (BBP) aan staatsschuld mochten hebben. Nederland zat in het derde kwartaal van 2011 volgens de nieuwste gegevens van Eurostat op 64,5% en het gemiddelde van de eurozone bedraagt 87,7% van het BBP. Politici moeten duidelijk het huishoudboekje op orde krijgen. Geen makkelijke opgave, omdat ‘verkeerde’ extra bezuinigingen de noodzakelijke en de inmiddels enigszins herstellende economische groei kunnen afremmen. In elk geval is er volgens het onderzoek brede steun vanuit het bedrijfsleven voor het voortzetten van de muntunie. De uitbreiding van de EU ligt een stuk gevoeliger. Daar zouden politici wel rekening mee moeten houden.”

Eurozone, Polen en Turkije
Als het gaat om Europese integratie liggen de opinies een stuk verder uiteen. Minder dan een op de drie ondernemers (31%) wil een uitbreiding van de muntunie. De Europese landen met grote problemen daarentegen, te weten Griekenland (62%) en Spanje (53%), zien nieuwe toetreders wel zitten. De drie landen die nog als enige een AAA-rating hebben – Nederland (24%), Finland (50%) en Duitsland (40%) – zien juist liever dat bepaalde landen de eurozone verlaten. Buiten de eurozone is het beeld eveneens gevarieerd. Polen (64%) en Denemarken (62%) sluiten zich graag aan bij de eurolanden. Het Verenigd Koninkrijk (12%) en Zweden (28%) hebben daar echter vrijwel geen behoefte aan. Ondernemers uit de hard groeiende Turkse economie zouden weliswaar meer aansluiting willen bij de Europe economie (88%), toch wil slechts 32% van hen op de euro overstappen. Landen als Armenië (62%) en Georgië (86%) zien meer samenwerking met de EU beslist zitten, maar deelname aan de euro is een stuk minder gewenst (respectievelijk 28% en 18%).   

Nieuws