KWINK: Culturele sector kan leren van woningcorporaties

19 februari 2015 Consultancy.nl

De culturele sector zou er verstandig aan doen om te leren van de ‘fouten’ die woningcorporaties de afgelopen jaren hebben gemaakt, stellen Boris Gooskens en Anna Stutje van KWINK groep. Vooral op het gebied van governance en risicomanagement liggen de lessons learned voor het oprapen.

Eind vorig jaar presenteerde de parlementaire enquêtecommissie Woningcorporaties haar bevindingen. Kort daarna bracht het Financieel Dagblad de successen van cultureel ondernemerschap in kaart. Wij willen de culturele sector uitdagen om, op basis van de bevindingen van de enquêtecommissie, na te denken over de risico’s van ondernemerschap.

Cultuur

Velen zullen dit een onzinnige vraag vinden, zolang sommige ensembles voor meer dan de helft van hun inkomsten afhankelijk zijn van subsidies. Recent werd er echter nog hevig gediscussieerd over het voornemen van het Wereldmuseum in Rotterdam om een deel van de collectie te verkopen en meer te focussen op de horeca-activiteiten in het museum: ondernemend, maar volgens velen niet wenselijk. Juist het Wereldmuseum wordt als positief voorbeeld naar voren geschoven in het Financieel Dagblad. Net als Museum Boijmans van Beuningen (‘waar we de kassa kunnen laten rinkelen doen we dat’). De bezuinigingen van de afgelopen jaren hebben het zakelijke instinct van veel culturele instellingen aangewakkerd, maar regelmatig leidt dit onder het mom van ‘ondernemerschap’ tot het nemen van onverantwoorde risico’s. De ternauwernood afgewende ondergang van toneelgezelschap De Utrechtse Spelen is daarvan een goed voorbeeld.

Er kan worden geleerd van andere sectoren waarin maatschappelijke organisaties gestimuleerd werden ondernemerschap te tonen. In de jaren '90 vonden beleidsmakers dat woningcorporaties te afhankelijk waren geworden van overheidssubsidies. Ze moesten  meer ruimte krijgen om inkomsten via de markt te verwerven. Op dat moment was nooit voorzien dat dit ondernemerschap zou resulteren in onverantwoorde derivatenhandel, de aanschaf van Maserati’s en een parlementaire enquête als  gevolg. De parlementaire enquêtecommissie noemt als oorzaken onder andere een gebrek aan duidelijke grenzen aan het ondernemerschap en een interne en externe governancestructuur, die niet toereikend was om excessen te signaleren.

Anna Stutje en Boris Gooskens - Kwink Groep

De verschillen tussen de sectoren zijn natuurlijk groot, maar wij denken dat de culturele sector en de overheid van de fouten van corporaties kan leren. Van overheden vraagt dit een eenduidige definitie van ondernemerschap en beter toezicht op de risico’s die worden genomen in de sector. Van culturele instellingen mag worden verwacht dat ze de interne governancestructuur versterken en dat ze ondernemen door verantwoorde risico’s te nemen, zonder het voortbestaan van hun organisatie op het spel te zetten.

Boris Gooskens en Anna Stutje zijn adviseurs culturele sector bij adviesbureau KWINK groep.

Nieuws