Good Practice voor allochtone multiprobleem gezinnen

08 juni 2011 Consultancy.nl

In september 2010 is Al Amal (organisatie van Marokkaanse vrouwen in de stad Utrecht) in samenwerking met Zandbergen en Trajectum (organisaties voor jeugd‐ en opvoedhulp) het project 'Tussen In ‐ De cirkel sluiten' gestart. Het doel van het project is om de hulpverleningsketen rondom allochtone multiprobleem gezinnen sluitend te maken. In dit artikel van Mariska van Esveld (Zandbergen Jeugd) en Hinke Stallen (Van de Bunt Adviseurs) wordt de aanleiding voor het project ‘Tussen In’ en de succesfactoren van de samenwerking tussen een maatschappelijke organisatie en hulpverleningsinstantie(s) toegelicht.

Het Project ‘Tussen In’ in vogelvlucht 
In de praktijk blijkt dat veel gezinnen met een niet‐Nederlandse achtergrond, in het bijzonder de Marokkaanse gemeenschap, weinig of te laat gebruik maken van de bestaande hulpverlening. De negatieve gevoelens van de groep ten aanzien van de hulpverlening worden versterkt doordat de werkwijze van de hulpverlening slecht aansluit bij de behoeften van de doelgroep. Om deze kloof tussen hulpverlening en hulpbehoevenden te overbruggen, heeft Stichting Al Amal de methode ‘Tussen In’ ontwikkeld. Het doel van de methode ‘Tussen In’ is de kloof tussen Marokkaanse gezinnen en hulpverleningsinstellingen te verkleinen. Hiertoe worden vertrouwenspersonen van Al Amal ingezet die samen met de ambulante werker van Zandbergen huisbezoeken afleggen. Dit zogenoemde ‘Duo Coaching’ is inmiddels een vast onderdeel van het aanbod van Zandbergen.

Allochtone multiprobleem

Succesfactoren uit de samenwerking 
De samenwerking tussen Zandbergen en Al Amal is geslaagd om verschillende redenen. Het succes zit allereerst in het feit dat de doelen en de werkwijze van de organisaties complementair aan elkaar zijn. De directieve, pragmatische aanpak van Al Amal bouwt vertrouwen op bij geïsoleerde Islamitsche gezinnen. Zandbergen lift mee op het vertrouwen dat de vertrouwenspersonen van Al Amal hebben opgebouwd. Ten tweede heeft de vertrouwenspersoon van Al Amal een grote rol in het overbruggen en vertalen van cultuurverschillen en opvattingen tussen de Islamitische en westerse samenleving. Als gevolg hiervan sluit de hulpverlening beter aan. Ten derde is er bijzonder veel geïnvesteerd in het opbouwen van wederzijds vertrouwen tussen de twee organisaties. Dit is een intensief proces, wat de basis legt om tot een goede degelijke samenwerking te komen. Alleen als beide organisaties weten wat hen drijft en hoe de organisatiecultuur is zal de hulpverlening in de meeste gezinnen goed aanslaan.

Voordeel voor Al Amal
Ook voor Al Amal heeft de samenwerking met Zandbergen gunstig uitgepakt. Het voordeel voor Al Amal van de samenwerking met Zandbergen is dat ze hun gezinnen een meer volledig aanbod bieden aan praktische ondersteuning en ondersteuning bij opvoedvragen. Daarnaast heeft Al Amal door de samenwerking meer erkenning gekregen vanuit instanties als Bureau Jeugdzorg, de gemeente, hulpverleningsorganisaties en de provincie.

Stichting Al Amal

Criteria om tot een vruchtbare samenwerking te komen
De samenwerking tussen Zandbergen en Al Amal is dus om verschillende redenen een succes te noemen. Echter, om de samenwerking tussen een zorginstelling en de maatschappelijke organisatie effectief te laten zijn, dienen enkele uitgangspunten in ogenschouw genomen te worden. Ten eerste moet de maatschappelijke organisatie een intrinsieke motivatie hebben om samen te werken met de zorginstelling. Het opzetten en uitvoeren van de samenwerking kost veel tijd, dus de maatschappelijke organisatie moet bereid zijn extra tijd te investeren in taken die in eerste instantie wellicht niet tot hun activiteiten behoorden. Ten tweede is het van belang dat de maatschappelijke organisatie een groot bereik en vertrouwen heeft bij de achterban. Alleen als de maatschappelijke organisatie vertrouwen geniet bij de gezinnen, zullen deze open staan voor de professionele hulp van de jeugdzorginstelling. Om de samenwerking vanuit organisatorisch perspectief tot een succes te maken, moeten de zorginstelling en maatschappelijke organisatie heldere afspraken maken over de taakverdeling. Hierin wordt bijvoorbeeld afgesproken dat de daadwerkelijke hulpverlening geboden wordt door de ambulante medewerker van de zorginstelling.

Daarnaast fungeert één persoon binnen de zorginstelling en één persoon binnen de maatschappelijke organisatie als aanspreekpunt over de gezamenlijke projecten. Op die manier gaat alle communicatie via deze personen en wordt miscommunicatie tot een minimum beperkt. Tot slot, vinden er tussentijdse overleggen en evaluaties plaats tussen zorginstelling en maatschappelijke organisatie om de voortgang van de samenwerking te bespreken. De samenwerking tussen Zandbergen en Al Amal heeft bovenstaande criteria in acht genomen, wat er toe geleid heeft dat gezinnen bereikt kunnen worden die anders niet ontvankelijk zijn voor jeugdzorg. De aanpak van Al Amal en de hulpverleningsinstanties richt zich momenteel vooral op Marokkaanse en Turkse gezinnen, maar de verwachting is dat de methodiek bij andere niet‐ Nederlandse gezinnen goed zou aanslaan. Tevens zou de methode doeltreffend kunnen zijn voor jeugdzorginstellingen in andere regio’s. 

Nieuws

Meer nieuws over