ConQuaestor: Wat verleidt CFOs tot onethisch gedrag?

30 juli 2013 Consultancy.nl

Onlangs heeft ConQuaestor een onderzoek naar Financial Leadership uitgevoerd onder CFO’s. Een van de thema’s in dit onderzoek is integriteit. Alle respondenten, zijnde CFO’s en financieel directeuren werkzaam in publieke organisaties, gaven aan dat integriteit niet een kwestie is van iets meer of iets minder, maar naar eer en geweten omgaan met publieke middelen. Deze uitspraken lijken bijna haaks te staan op het belijden ervan in de praktijk, zoals de derivatenkwestie bij Vestia, het 'oorsmeer gate' van het ZorgSaam ziekenhuis en het beleggingsdebacle bij scholenkoepel Sopoh. Waardoor komen Financial Leaders in de verleiding?
 
Een financieel gezonde onderneming heeft de balans tussen inkomsten en uitgaven op orde. De economische tegenspoed en het daaraan gekoppelde bezuinigingsbeleid door de achtereenvolgende kabinetten hebben geleid tot een vermindering van de budgetten en daarmee de inkomsten van publieke organisaties. Deze organisaties hebben getracht dit op te vangen door het terugdringen van de kosten. Totdat de rek eruit raakte en men creatieve oplossingen is gaan zoeken om de opbrengsten te verbeteren. De toenemende marktwerking in diverse publieke sectoren heeft de inkomstenkant interessanter gemaakt. De gevolgen: cliënten in de langdurige zorg zwaarder indiceren, de ruimte in de financiering van de ziekenhuisbehandelingen benutten en de renterisico’s van de financiering bij woningcorporaties middels derivaten met een hoog risicoprofiel trachten af te dekken.

Integer handelen

Met het oplopen van de disbalans in de bedrijfsfinanciën lijkt men andere wegen te zoeken om de continuïteit van de organisatie te garanderen. Andere wegen om toch nog een beroep te doen op de beperktere publieke middelen. Getuige de genoemde voorbeelden is men bereid het handelen naar eer en geweten af te wegen tegen het resultaat van de organisatie en het onlosmakelijk daarmee verbonden functioneren van de Financial Leader van die organisatie. Hiermee wordt al de eerste grens van integer handelen overschreden. Zoals minister Ien Dales ooit zei: “Een beetje integer kan niet”.
 
ConQuaestor - Onethisch gedrag
 
Met het oprekken van de grenzen van integer handelen wordt een pad ingeslagen waarvan men niet eenvoudig op zijn schreden kan terugkeren. Het gevaar bestaat dat het dan van kwaad tot erger verwordt.
 
Geen van de betrokken Financial Leaders zal in eerste instantie de intentie hebben gehad onethisch te handelen. Men heeft getracht de organisatie voor een dreigend failliet te behoeden, de publieke dienstverlening op peil te houden en wordt daarvoor bestraft!

Marktwerking

Het tijdens Lubbers I gestarte, halfslachtig invoeren van marktwerking in de publieke sector geïnspireerd door de Amerikaanse beweging van ‘Reinventing Government’ heeft de waargenomen malversaties eerder in de hand gewerkt dan tegengegaan. Marktwerking betekent dat organisaties en prijzen gaan anticiperen op vraag en aanbod. Het reguleren van prijzen door middel van maximale tarieven en het verplichten tot rigoureuze bezuinigingsmaatregelen beperkt het oplossend vermogen van een onderneming en werkt het uitvoeren van creatieve oplossingen in de hand.
 
Het niet integer handelen wordt hierdoor geenszins goed gepraat. Het aan de schandpaal nagelen van verantwoordelijke personen en organisaties leidt echter ook niet tot oplossingen. Net zo goed als harder optreden van toezichthouders zich beperkt tot symptoombestrijding. Het zou goed zijn om de oorzaak boven water te krijgen en dienovereenkomstig te handelen opdat er überhaupt geen verleidingen meer ontstaan om de grenzen van integriteit op te zoeken.
 
Een artikel van Ron Vossen en Maarten Mookhoek, Senior Consultants bij ConQuaestor.

Nieuws

Meer nieuws over