Nederlandse FinTech-adoptie loopt achter op rest van de wereld

10 juli 2017 Consultancy.nl

Opkomende markten zoals China en India lopen voorop als het gaat om de omarming van FinTech. Dat blijkt uit recent onderzoek van EY. In landen waar het bankenstelsel van oudsher al ver ontwikkeld is, hebben FinTech-bedrijven volgens de onderzoekers last van de wet van de remmende voorsprong. Zo ook in Nederland, waar de adoptie van FinTech achterblijft bij het wereldwijde gemiddelde.

Sinds enkele jaren is er binnen de wereldwijde financiële sector veel aandacht voor de opkomst van FinTechs. EY vroeg zich af in hoeverre consumenten daadwerkelijk warm lopen voor deze vernieuwende financiële technologiebedrijven. De Big Four accountancy- en adviesorganisatie heeft daarom dit jaar voor de tweede keer zijn ‘FinTech Adoption Index’-onderzoek uitgevoerd, waarin de populariteit van nieuwe technologieën in de financiële dienstverleningssector in kaart wordt gebracht. Voor het onderzoek werden meer dan 22.000 online interviews afgenomen binnen twintig markten.

Opkomende economieën voorop

Het rapport van EY laat zien dat gemiddeld 33% van de mensen uit de twintig onderzochte markten gebruik maken van FinTech, een verdubbeling ten opzichte van de 16% van achttien maanden geleden, toen de eerste FinTech Adoption Index uitkwam. De landen die gemiddeld het beste scoren zijn duidelijk de opkomende economieën zoals China, India, Brazilië, Mexico en Zuid-Afrika, waar het percentage gemiddeld op 46% uitkomt, terwijl bij de overige landen de adoptie gemiddeld 28% is. China is de absolute nummer één – maar liefst 69% van de Chinese respondenten geeft aan gebruik te maken van FinTech – gevolgd door India waar dit percentage op 52% ligt.

FinTech-adoptie over 20 markten

Volgens EY zijn de hoge noteringen van deze opkomende economieën goed verklaarbaar vanuit het feit dat de traditionele bankensectoren in deze landen relatief onderontwikkeld zijn, waardoor die veel ruimte overlaten voor de snelle groei van de nieuwe FinTech-bedrijven. Daarnaast is er in deze opkomende economieën sprake van een sterk groeiende middenklasse die zorgt voor een toenemende vraag naar financiële diensten. Ondanks de sterke positie van de opkomende economieën is de derde plek in de lijst wel voor een ‘ontwikkeld’ land – het Verenigd Koninkrijk – waar 42% van de geïnterviewde mensen zegt gebruik te maken van FinTech.

Nederland blijft achter

Van de Nederlandse respondenten geeft 27% aan FinTech te gebruiken, waarmee ons land onder het gemiddelde van de twintig onderzochte markten (33%) blijft. De lage mate van FinTech-adoptie is voor een deel te verklaren doordat de traditionele financiële sector in ons land juist erg ver ontwikkeld is. Hierdoor is het lastiger voor FinTech-bedrijven om voet aan de grond te krijgen in de Nederlandse markt. Volgens de onderzoekers speelt ook de geringe bekendheid van FinTech-diensten in Nederland een rol in het achterblijven van de adoptie. 

Vergelijking barrières voor adoptie FinTech 2015-2017

De resultaten laten volgens EY wel zien dat de bekendheid van consumenten met FinTech binnen de twintig onderzochte markten sinds 2015 aanzienlijk is toegenomen. 86% van de respondenten zegt zich bewust te zijn van het bestaan van FinTech. Bovendien speelt dit obstakel in de adoptie van FinTech een minder belangrijke rol dan voorheen. Een voorkeur voor traditionele financiële dienstverleners heeft het gebrek aan bekendheid met FinTech inmiddels voorbijgestreefd als belangrijkste reden om geen gebruik te maken van FinTech-diensten. 

Populaire diensten

De onderzoekers stellen dat de toenemende populariteit van FinTech mede wordt gestuwd door nieuwe diensten en spelers in de markt. Zo wordt er meer gebruik gemaakt van vernieuwende overboekings-, betaal- en verzekeringsdiensten. Ook traditionele banken slaan steeds vaker de handen ineen met FinTech-bedrijven om nieuwe of verbeterde financiële producten aan te kunnen bieden. Bij het creëren van dergelijke producten staat de gebruikerservaring centraal: het is de bedoeling dat handelingen die eerst saai en vervelend waren nu snel en gemakkelijk verlopen, zoals het aanschaffen van een verzekering of het controleren van je saldo. 

Betaal- en overboekingsdiensten zijn volgens EY nog altijd de meest populaire FinTech-toepassingen en het aantal respondenten dat aangeeft wel eens gebruik te maken van (een van) deze diensten is sinds 2015 van 18% gestegen naar 50%. In Nederland ligt dit percentage op 33% van de FinTech-adopters*. En terwijl verzekeringsdiensten in 2015 nog de minst populaire FinTech-toepassing waren, eindigen ze in het onderzoek van dit jaar met 24% op de tweede plek, grotendeels vanwege de integratie van nieuwe diensten waarmee verzekeringspremies met elkaar kunnen worden vergeleken. Hoewel Nederland gemiddeld gezien achterloopt, gebruikt zelfs in ons land 26% van de FinTech-adopters verzekeringsdiensten van FinTech-bedrijven.

Vergelijking adoptie van FinTech-categorieën in 2015 en 2017Ook zijn Nederlandse consumenten volgens de resultaten van het onderzoek bovengemiddeld geïnteresseerd in toegang tot nieuwe financiële producten en diensten. EY meent dat bedrijven hierop kunnen inspelen door innovatieve diensten te ontwikkelen en te kijken waar nog ruimte is binnen de Nederlandse markt. Bovendien wordt in dit verband opgemerkt dat FinTechs niet enkel belangrijke spelers worden binnen de financiële sector, maar dat ze de sector ook transformeren door zich te concentreren op de klant(ervaring), transparantie en efficiëntie. 

Lisette Ens, FinTech Manager bij EY, benadrukt het belang van innovatie: “Het stimuleren en faciliteren van FinTech-diensten, of deze nu voortkomen uit startups of traditionele dienstverleners, zorgt voor verbetering en vernieuwing in de sector. Alle spelers in en rond de financiële sector zouden hier dan ook de focus op moeten hebben.” 

Analyse gebruik van andere onlinediensten, Fintech-gebruikers vs niet-gebruikers

Gebruikers

Tijdens het onderzoek heeft EY ook gekeken naar het soort mensen dat nu al gebruik maakt van FinTech. Wanneer er wordt gekeken naar de leeftijd van de gebruikers, blijkt dat FinTech-toepassingen het populairst zijn in de leeftijdscategorie van 25 tot 34 jaar, gevolgd door 35- tot 44-jarige consumenten. Vanaf de leeftijd van 45 neemt het aantal gebruikers gestaag af.

De onderzoekers noemen dit deel van de resultaten weinig verrassend. Ten eerste omdat mensen tussen de 25 en 44 vertrouwd zijn met het internet en mobiele technologie, en ten tweede omdat ze verschillende belangrijke momenten doormaken waarin ze behoefte hebben aan veel uiteenlopende financiële producten, zoals het voltooien van een opleiding, het beginnen aan voltijdwerk, het kopen van een huis en het krijgen van kinderen. Ten slotte hebben ze vaak nog niet zo’n sterke relatie opgebouwd met de traditionele financiële dienstverleners.

Verder blijkt uit het onderzoek dat FinTech-gebruikers (40%) ook vaker dan niet-gebruikers (11%) andere online diensten afnemen. Het grootste verschil tussen gebruikers en niet-gebruikers is volgens EY echter de deelname aan de deeleconomie via bedrijven als Uber en Greenwheels. Doordat er vaak FinTech-toepassingen zijn ingebed in de platformen die dergelijke deeldiensten aanbieden zijn consumenten die bekend zijn met het gebruik van FinTech-diensten ook eerder geneigd om deeldiensten te gebruiken: 44% van de FinTech-gebruikers neemt deel aan de deeleconomie, terwijl dat onder niet-gebruikers slechts 11% is.

Hoewel de populariteit van FinTech sinds de vorige index flink is toegenomen, bleek onlangs uit een onderzoek van KPMG dat er in het afgelopen jaar veel minder werd geïnvesteerd in FinTech start-ups dan het jaar daarvoor. 

* FinTech-adopters zijn consumenten die in de laatste zes maanden minimaal twee verschillende FinTech-diensten hebben gebruikt.

Nieuws

Meer nieuws over