Maak digitale infrastructuur de 3e economische mainport van Nederland

11 april 2017 Consultancy.nl

Maak digitale infrastructuur de 3e economische mainport van Nederland. Daarvoor pleiten Richard van Breukelen en Ester de Jong, adviseurs van PBLQ, in een advies aan politici en bestuurders.

Nederland heeft op het moment twee mainports: Schiphol en de haven van Rotterdam. Volgens Richard van Breukelen en Ester de Jong, de auteurs van het document ‘Behouden, benutten en innoveren: Een ICT-paragraaf voor het komende regeerakkoord’ is het tijd om daar een derde mainport aan toe te voegen: de digitale infrastructuur. Volgens de auteurs*, die beide werkzaam zijn bij organisatieadviesbureau voor de informatiesamenleving PBLQ, is dit een grote kans voor Nederland, met het oog op het groeiende belang van Informatietechnologie (ICT).

ICT zorgt voor ingrijpende maatschappelijke en economische veranderingen en transformeert ons land in rap tempo naar een digitale informatiesamenleving. De rol die de overheid speelt in het investeren in infrastructuur en het bepalen van de spelregels is cruciaal. In de huidige situatie scoort de Nederlandse digitale infrastructuur hoog in verschillende internationale ICT-ranglijsten. De digitale transformatie van de afgelopen jaren brengt Nederland een vijfde plaats in de ‘Global Competitive Index’ van het World Economic Forum en een eerste plek in de Digital Density Index van Accenture en Oxford Economics – een onderzoek naar de mate waarin digitale technologieën zijn doorgedrongen tot bedrijven en de economie van een land.

Maak digitale infrastructuur na Schiphol en Rotterdam 3e economische mainport van Nederland

Nederland kan echter niet op zijn lauweren rusten. Volgens de adviseurs van PBLQ dreigt er een remmende voorsprong voor de digitale transformatie in Nederland. De ontwikkeling van de infrastructuur hapert en er voor de nabije toekomst geen gericht beleid is op dit vlak. “We dreigen uit de top van de ranglijsten weg te vallen als de overheid ICT blijft beschouwen als een risico in plaats van een kans, zoals helaas nu nog vaak het geval is”, waarschuwen de adviseurs.

PBLQ zijn overigens niet de eerste consultants die de overheid waarschuwen dat digitalisering hoger op de politieke agenda zou moeten staan. In juli vorig jaar bracht The Boston Consulting Group (BCG) nog een rapport uit waarin het bureau het belang benadrukte van meer aandacht voor digitalisering vanuit de politiek. Volgens de strategie consultants zou er een grootschalige publiek-private investeringsagenda nodig zijn om de voorsprong op andere landen te behouden.

Deltaplan ICT

Daarom moet Nederland volgens hen de digitale infrastructuur benoemen tot 3e economische mainport. “Een statement waarmee de overheid op ICT-gebied (economische) kansen kan pakken”, aldus Van Breukelen en De Jong. Om dit standpunt kracht bij te zetten zou de overheid er volgens de PBLQ-adviseurs verstandig aan doen om een Deltaplan ICT op te stellen. “Door nu te investeren in een Deltaplan ICT, kan Nederland straks de zoete vruchten plukken. Bijvoorbeeld met ontwikkelingen als het gebruik van big data, ‘The Internet of Things’ en robotisering, die ingrijpende gevolgen hebben voor de wijze waarop processen worden ingericht, maar die vooral volop kansen bieden voor een beter functionerende informatiesamenleving”, stellen de ICT-experts.

Volgens recent onderzoek van Deloitte, is tegenwoordig de kern van de Nederlandse interneteconomie meer dan €100 miljard waard – vergelijkbaar met grote sectoren als de bouw, de voedingsmiddelenindustrie en transport en opslag-sector. De complete digitale economie van ons land is volgens de onderzoekers zelfs nog veel meer waard. Ook dit onderzoek concludeerde dat de vooraanstaande positie van Nederland op digitaal vlak er aanvullend beleid nodig is om de snelle groei van de sector (+9%) te handhaven en de concurrentie met het buitenland aan te gaan.

Maatregelen

De adviseurs hebben een zestal essentiële maatregelen opgesteld die Nederland volgens hen in staat zullen stellen om voorop te blijven lopen. De maatregelen die de overheid volgens Van Breukelen en De Jong moet nemen om het transitieproces te ondersteunen zijn:

1. Benoem de digitale infrastructuur tot derde economische mainport van Nederland. Investeer structureel en meerjarig in de rol van ons land als veilig digitaal knooppunt in de wereld. Nederland als digitale safe haven: een veilige en vertrouwde vestigingsplaats voor nationale en internationale bedrijven.

2. Investeer in de modernisering van onderwijs op alle niveaus (basis, middelbaar en hoger) om er voor te zorgen dat een toekomstige beroepsbevolking is geschoold in kennis en vaardigheden waar de informatiesamenleving om vraagt.

Digitale safe haven | modernisering van onderwijs | generiek digitale infrastructuur | ‘de burger centraal’ | privacy | het primaire proces

3. Investeer structureel en meerjarig in de generieke digitale infrastructuur (GDI) van de overheid, zoals betrouwbare en veilige digitale identificatiemiddelen. Dit is randvoorwaardelijk voor het verbeteren van de kwaliteit, betrouwbaarheid en transparantie van de overheid als dienstverlener en handhaver richting burgers en bedrijven.

4. Verhef “de burger centraal” tot leidend principe bij het ontwerpen van processen, systemen en diensten. Zo staat niet de systeemwereld van de overheid (efficiency, organisatie en wetgeving) maar het perspectief van burgers en bedrijven centraal.

5. Faciliteer het fundamentele debat over privacy en de betekenis van de bescherming persoonlijke levenssfeer in het licht van de voortschrijdende digitalisering van de samenleving. Kom op basis hiervan met een adequaat en actueel privacy referentiekader met de blik vooruit.

6. Informatievoorziening is het hart van het primaire proces en levert een cruciale bijdrage aan het realiseren van maatschappelijke doelen. Samenwerking in ketens is daarbij de sleutel tot succes. Stel als kabinet vast welke concrete doelen voor welke keten urgent zijn en formuleer de te bereiken resultaten. Betrek de ketenpartners bij de uitwerking ervan.

* Richard van Breukelen is Principal adviseur bij PBLQ. Ester de Jong is sinds februari 2014 als Adviseur werkzaam bij het bureau.

Nieuws