Forensisch adviesbureau onderzoekt faillissement van Macintosh

08 februari 2017 Consultancy.nl

De curatoren van Macintosh Retail Group hebben externe expertise ingeschakeld om te helpen bij het onderzoeken van de boekhouding van de failliete winkelgroep. BFI Global, een forensisch advies- en onderzoeksbureau uit Amsterdam, staat de curatoren bij met data analyses en een breed surveyonderzoek onder oud-werknemers. Het onderzoek duurt naar verwachting tot Q3 2018.

In december 2015 vroeg Macintosh, het moederbedrijf van bekende schoenenwinkelketens Dolcir, Manfield, Scapino en Invito, een faillissement aan. Met 5.500 werknemers in dienst, verspreid over 550 vestigingen was dit een van de grootste faillissementen in de Nederlandse winkelstraten ooit – alleen het faillissement van V&D overtrof Macintosh in aantal werknemers. In januari 2016 werd bekend dat een groot deel van de Scapino winkelketen is overgenomen door branchegenoot Ziengs.

Om het faillissement af te wikkelen zijn twee curatoren aangesteld: John Huppertz van Paulussen Advocaten uit Maastricht en Ben Meijs van Thuis & Partners Advocaten. Volgens het onderzoek van de curatoren bevonden de verschillende winkelketens van het retail concern zich al sinds de recessie in zwaar weer. Tegenvallende verkopen zorgden ervoor dat Macintosh vervolgens niet voldoende kon investeren in het opknappen van zijn winkels. Op zijn beurt leidde dit tot ‘verouderde’ en ‘sleetse’ winkels en liepen de verkopen verder terug. Ondanks dat draaide Macintosh over 2015 een omzet van €786 miljoen.

Macintosh curatoren schakelen forensisch experts in

BFI Global ondersteunt onderzoek

In het meest recente faillissementsrapport, dat eind januari 2017 gepubliceerd werd, melden de curatoren dat zij de hulp in hebben geschakeld van BFI Global, een Amsterdams forensisch advies- en onderzoeksbureau dat data analytics toepast voor het analyseren van onder meer bedrijfsfaillissementen. De curatoren hebben BFI Global gevraagd om de boekhouding te analyseren, een van de onderdelen van het onderzoek naar de oorzaken voor het faillissement.

BFI Global zal in zijn analyse de cijfers van alle 19 groepsmaatschappijen van de Macintosh Retail Group meenemen. Bovendien wordt in het onderzoek ook gekeken naar de werkmaatschappijen die tussen 2010 en het moment van faillissement zijn verkocht, waaronder winkelketens Halfords, Kwantum en Belcompany.

In het onderzoek zal BFI ook steekproefsgewijs oud-medewerkers van de failliete winkelgroep benaderen on online een anonieme vragenlijst in te vullen. Zo willen de forensische experts in beeld brengen hoe het personeel de periode tot aan het faillissement hebben ervaren. Naar verwachting zal het onderzoek pas in het derde kwartaal van 2018 worden afgerond. De lange duur is volgens de curatoren het gevolg van de grote scope en complexiteit van het onderzoek.

Advocaten en forensisch adviesbureau

Ongebruikelijk

Het inschakelen van externe forensische onderzoeks- en adviesbureaus om deel te nemen aan faillissementsonderzoeken is niet heel gebruikelijk, tenzij er vermoeden is van fraude. Huppertz verklaart echter tegenover het FD dat dit bij Macintosh niet het geval is. Hij zegt: “Gezien de omvang van dit faillissement is het zinvol ons te laten ondersteunen door forensische accountants. We doen dit puur uit oogpunt van zorgvuldigheid.”

Een van de factoren die hierbij een rol speelt is dat faillissementen niet vaak voorkomen bij dergelijke grote, beursgenoteerde bedrijven. Volgens Huppertz is het daarom moeilijk om te zeggen wat gangbaar is en wat niet. Hij licht toe: “We kennen in Nederland misschien maar tien vergelijkbare faillissementen in de afgelopen 25 jaar.”

BFI Global werd recentelijk ook ingeschakeld voor een feitenonderzoek rondom het faillissement van modehuis McGregor. 

Nieuws