Nederlandse levensmiddelenindustrie behoort tot internationale top

17 mei 2016 Consultancy.nl

De levensmiddelenindustrie vormt een essentiële sector van de Nederlandse economie. Met een jaarlijkse omzet van €62 miljard en goed voor bijna 100.000 voltijdsbanen vormt de levensmiddelenbranche één van de grootste industrieën van Nederland en behoort bovendien tot de internationale top. Voor de komende decennia liggen er voor de Nederlandse levensmiddelenbranche grote kansen voor het oprapen, met name in het buitenland, concludeert Roland Berger in een recent rapport.

In opdracht van FNLI Levensmiddelen heeft strategisch advieskantoor Roland Berger de afgelopen jaren een grootschalige strategische marktverkenning uitgevoerd van de Nederlandse levensmiddelenbranche. Doelstelling was om in kaart te brengen waar de industrie nu staat, en hoe deze zich verhoudt tot andere landen binnen Europa. Bovendien werden de belangrijkste trends en ontwikkelingen onderzocht die de industrie de komende jaren zullen vormgeven. Op basis van de voorspellingen wil FNLI zijn economisch beleid en richtlijnen vormgeven en in gesprek gaan met de politiek om voor de toekomst een optimale businessomgeving te creëren voor de circa 5.500 bedrijven actief in de sector.

Marktomvang levensmiddelenindustrie

Uit de analyse blijkt om te beginnen de significante rol die de Nederlandse levensmiddelenindustrie speelt in de gehele industrie. In 2013 was de sector, gemeten naar zowel omzet, werkgelegenheid als de toegevoegde waarde, goed voor tussen de 17-20% van de totale Nederlandse industriesector. Bovendien is in de laatste negen jaar de omzet van de levensmiddelenbranche gemiddeld meer gegroeid (+ 4,3%) dan de totale industrie (+2,7%). Ook in toegevoegde waarde doet de sector het beter (+2,6% vs. +0,7%).

Cijfers levensmiddelenindustrie

De levensmiddelenbranche in Nederland bestond anno 2013 uit zo’n 5.500 bedrijven, waarbij het MKB goed was voor 64% van de werkgelegenheid en 47% van de omzet. Ook internationaal gezien doen grote Nederlandse levensmiddelenbedrijven het goed. Zo staan vier Nederlandse organisaties in de internationale top 30 van levensmiddelenbedrijven met de hoogste omzet: Unilever, Heineken, FrieslandCampina en Vion.

Een diepere analyse, vanuit een functioneel perspectief, laat zien dat de levensmiddelenbranche bestaat uit tal van subbranches die verschillen in grootte en dynamiek. De grootste branches, op basis van gerealiseerde omzet, vormen de zuivelbranche, vleesbranche en het olie- en vetten segment. Samen zijn deze drie groepen goed voor meer dan 50% van de totale omzet binnen de levensmiddelenindustrie. De brood- en banketbranche biedt veruit de meeste werkgelegenheid, goed voor 29% van de totale werkgelegenheid binnen de levensmiddelenbranche, gevolgd door branches vlees (13%) en zuivel (12%). De meeste toegevoegde waarde kwam – na ‘overige branches’ (17% van het totaal) uit de brood- en banket sector (16%).

Branches in levensmiddelenindustrieVanuit een regionaal perspectief, staat de Nederlandse levensmiddelenindustrie in Europa op een zesde plaats, gemeten naar gerealiseerde omzet. Daarmee is de Nederlandse levensmiddelenindustrie goed voor ~6% van de omzet van de levensmiddelenindustrie in de EU-28. Kijkend naar de gemeten omzet per inwoner staat Nederland echter hoog in de lijst. Gemiddeld gaven in 2013 Nederlanders zo’n €3.700 uit aan levensmiddelen, goed voor een gedeeld tweede plek met België. Alleen in Noord-Ierland lag de omzet per inwoner hoger (€5.500). In toegevoegde waarde gemeten staat Nederland op de zesde plek, met in totaal €10,3 miljard.

Europese levensmiddelenindustrieVooruitkijkend, concluderen de onderzoekers dat er de komende jaren grote kansen voor het oprapen liggen voor de Nederlandse levensmiddelenindustrie. Twee grote trends zullen volgens Roland Berger de komende decennia gaan leiden tot een stijging van de vraag naar levensmiddelen. Allereerst de ontwikkeling van de wereldbevolking. Tegen 2050 zal de wereldbevolking volgens schattingen uitgroeien naar circa 9,7 miljard mensen. Verder hangt de sterke groei van het voedselbudget van mensen samen met de groeiende middenklasse. Tussen 2009 en 2030 zal die klasse toenemen met meer dan drie miljard mensen en vooral China en India zullen hierin een stuwende rol spelen. En hoewel hun bevolkingsgroei slechts tussen de 0% en 1% ligt, zal hun groei in BBP leiden tot een toestroom van miljoenen mensen naar een klasse die meer kan uitgeven aan levensmiddelen en luxe voeding.

Jaarlijkse bevolkingsgroei en groei in wereldwijde voedselbehoefte

Als gevolg van bovenstaande ontwikkelingen zal ook de voedselmix gaan veranderen de komende jaren. Zo zullen ontwikkelingslanden met hun voedingspatroon steeds meer opschuiven richting dat van geïndustrialiseerde landen. Burgers uit ontwikkelingslanden zullen meer vlees en zuivel gaan consumeren in plaats van de producten met lage voedingsdichtheid die zij nu vooral consumeren (graanproducten, knolgewassen, etc.) Bovendien zal de toename van zuivel- en vleesconsumptie van deze landen leiden tot een hogere footprint met het oog op broeikasgassen.

Ontwikkeling voedingspatroon - geindustrialiseerde landen versus ontwikkelingslanden

Met meer vraag naar voedingsmiddelen in het vooruitzicht, liggen er voor Nederlandse bedrijven in de levensmiddelenbranche grote kansen voor het oprapen, concluderen de onderzoekers. De Nederlandse industrie staat er vandaag de dag in elk geval goed voor. Zo is de branche aan de ene kant al behoorlijk internationaal georiënteerd; de agrofoodketen geldt als een grote exporteur en was in 2013 verantwoordelijk voor 30% van de totale Nederlandse handelsbalans. Het leeuwendeel van de export ging naar Europese landen (80%), gevolgd door Azië (10%), Afrika (4%) en Noord Amerika (3%).

Aan de andere kant investeert de Nederlandse levensmiddelenindustrie veel in R&D en mag zich toonaangevend noemen in de branche. Niet voor niets wordt in Food & Agri, als een van de negen topsectoren van de overheid, veel geïnvesteerd in kennis en innovatie. Nederland huisvest tal van initiatieven en kennisinstellingen voor landbouw. Voorbeelden zijn onder andere: Wageningen UR, in 2014 nog verkozen tot ‘beste universiteit ter wereld in de categorie Agriculture’; TI Food & Nutrition, een publiekprivaat onderzoeksinstituut; Food Valley Nederland, een cluster van innovatieve bedrijven en universiteiten in voedsel dat samenwerkt met de industrie; en TKI Agri & Food, die voor de Topsector het tot stand komen van de innovatieagenda, de onderzoeksprogrammering verzorgt en het topteam van de Topsector adviseert over te maken afspraken met de minister van Economische Zaken.

R&D in levensmiddelenindustrie

Op basis van alle bevindingen van het onderzoek geven de onderzoekers en FNLI aan dat de sector zijn krachten moet bundelen om de komende decennia de internationale leidende positie van Nederland verder uit te bouwen. Beiden zien zich hierbij gesteund door Minister-President Mark Rutte, die het rapport eind april in ontvangst nam uit handen van Paul Polman (CEO Unilever) en Bas van den Berg (COO Royal FrieslandCampina en voorzitter van FNLI).

“De vraag naar Nederlands voedsel gaat alleen maar toenemen. Wereldwijd hebben we straks negen miljard monden te voeden. Wij staan op pole position om daarin een grote rol te spelen. Dat de sector nu zelf tot op de bodem uitzoekt hoe het beter kan, is een teken van kracht en van ambitie. Zeker als je al een uitstekende positie hebt”, aldus Rutte.

Nieuws