Groei top 200 wereldwijde B2B dienstverleners zwakt af

12 januari 2016 Consultancy.nl

De 200 grootste spelers in de Business to Business (B2B) dienstenindustrie genereren een gezamenlijke omzet van ongeveer £1,5 biljoen, blijkt uit een recent onderzoek van OC&C Strategy Consultants. De groei nam de afgelopen jaren echter af, van ruim 11% in 2010 naar minder dan 4% in 2014. Vooral de vertraging in de Europese markt remt de wereldwijde groei binnen de sector – terwijl er in Azië en Oceanië juist voorbeelden zijn van spectaculair hoge groei. In het rapport van OC&C concluderen de onderzoekers dat traditionele kernstrategieën niet langer toekomstbestendig zijn.

Het Business to Business (B2B) segment vormt een van de grootste sectoren in het wereldwijde bedrijfsleven. Volgens een recent onderzoek* van OC&C Strategy Consultants zijn alleen de 200 grootste spelers in de B2B dienstverlening – waaronder spelers uit de bouw, outsourcing, marketing en werkplekdienstverlening – al goed voor een gecombineerde omzet van £1,5 biljoen. Vooral in de Westerse markten staat de B2B-dienstenindustrie aan de basis van de economie. In de UK neemt de sector bijna 30% van de totale economie en de helft van de economische groei voor zijn rekening.

Kijkend naar het verleden hebben leidende spelers in de B2B Services – in termen van groei, tarieven en marktkapitalisatie – zowel tijdens als na de economische crisis altijd beter gepresteerd dan leiders in andere sectoren. Het tij is echter recentelijk gekeerd, toont OC&C aan, die constateert dat de groei in de dienstenindustrie op alarmerende snelheid vertraagt. In 2010 boekten de 200 grootste B2B dienstverleners ter wereld (de B2B200)** nog een gemiddelde omzetgroei van 11,2%. In 2014 lag dit percentage nog maar rond de 3,7%. Door deze vertraging zijn ook de marges van de dienstverleners afgezwakt – van 12,7% EBITDA in 2010 naar 12,1% in 2013.

In de huidige situatie zijn de Europese economieën gezamenlijk goed voor bijna de helft van de totale markt. Als het op de groei van de markt aankomt zijn het echter vooral de Aziatische economieën die het goed doen – zij waren samen goed voor 75% van de groei in 2013. Vooral Chinese en Japanse firma’s deden het de afgelopen jaren goed, met in de periode van 2010-2013 een samengestelde omzetgroei (CAGR) van respectievelijk 15% en 13%. Europese bedrijven vertraagden de wereldwijde groei juist, met in de UK een gemiddelde groei van 1,5% in 2013, terwijl in Frankrijk (-2,1%) en Duitsland (-3,6%) dienstverleners vooral krimp vertoonden. De Benelux behoort tot een van de snelst groeiende regio’s met 6,9%, net als de VS (4,6%) en Australië – met een indrukwekkende groei van 13,2%.

De recente vertraging van de omzetgroei van de B2B200 volgt op een volgens de auteurs ‘onontkoombare terugkeer’ naar het gemiddelde. Het is niet dat de vraag is afgenomen – de honger naar diensten van derden is juist in veel sectoren aan het toenemen – maar het verschil tussen de winnaars en verliezers in de sector is tot recordhoogte gestegen. Dat is een duidelijke indicatie dat de spelers met de juiste strategieën hun groei en marktaandeel snel uitbreiden ten koste van achterblijvers. “Meer dan een derde van de top 200 bedrijven zag zijn omzet afgelopen jaar krimpen, in vergelijking met een vijfde het jaar daarvoor. Dit is een duidelijk teken dat de meer gefocuste, besluit-vaste, en strategisch ingestelde bedrijven actieve stappen nemen om zichzelf te onderscheiden van de rest”, aldus de auteurs.

Een interessante bevinding is dat er een relatie bestaat tussen de prestaties van bedrijven en wereldwijde expansie. Dienstverleners die wereldwijde expansie nastreefden zonder daarbij voldoende aandacht te besteden aan strategische logica zagen hun groei teruglopen en presteerden slechter dan de rest van de sector. De zogenaamde ‘Domestic champions’, bedrijven met meer dan 95% van hun omzet afkomstig binnen het thuisland, hebben in de periode van 2010-2013 de grootste omzetgroei gerealiseerd (+14% CAGR) en hebben het minste last van margedaling (+0,6% delta). Dit onderstreept dat strategische focus een van de onderscheidende concurrentiefactoren vormt. Daarentegen realiseerden de ‘globetrotters’ – die meer inkomsten uit het buitenland dan uit hun thuisland halen – een gemiddelde jaarlijkse groei van slechts 6% en een margeverlies van -0,8% delta.

Het onderzoek toont aan dat er aanzienlijke verschillen zijn tussen de diverse segmenten van de dienstenindustrie. Hoewel alle segmenten tussen 2010 en 2012 krimp in CAGR-gemiddelden vertoonden, was niet iedere daling even steil. De groei in de bouw daalde van 12% naar 9%, vooral door een afname van de Europese behoefte aan bouwdiensten – tegenover juist een toenemende vraag in Oost-Azië. Tegelijkertijd zag Media/Marketing een groeidaling van 5% naar 4%. Aan de andere kant van het spectrum was er in het Olie & Gas segment een enorme daling van de groei zichtbaar, van 18% naar 4%, mede veroorzaakt door een stagnatie van de Amerikaanse sector en andere factoren. Het logistiek en transport-segment zag een daling in de groei van 8 procentpunten, volgend op een afname van de concurrentie, verminderde Europese activiteit, en problematische politieke omstandigheden. Sommige markten maakten zelfs krimp door, zoals Facilities Management, dat daalde van 3% groei naar -1% krimp. Volgens het rapport heeft dit vooral te maken met significante desinvesteringen van belangrijke spelers.

Op basis van de dataset van de 200 grootste dienstverleners hebben de onderzoekers een lijst opgesteld van de 20 toppresteerders, die een consequent sterke omzetgroei vertonen, en ten opzichte van hun branchegenoten sterk winstgevend zijn. De elite omvat een aantal welbekende namen, zoals media & marketing gigant Publicis, IT-dienstverleners Cognizant en Infosys, maar ook minder bekende merken zoals het Deense Rockwool, Amerikaanse olie & gasspeler Seventy Seven en het in Luxemburg gevestigde Eurofins Scientific.

Voor de nabije toekomst, geloven de auteurs dat de B2B dienstenindustrie een van de sterkste sectoren van de wereldeconomie zal blijven. Zijn cyclische veerkracht maakt van de sector bovendien een betrouwbare lange termijn investering. Desondanks verschuiven de groei-indicatoren “de verkeerde kant op”. Dat zorgt ervoor zorgt dat bestuurders in de industrie er goed aan doen om het belang van strategie te erkennen en de benodigde veranderingen door te voeren. Doen zij dit niet, dan komt hen dat duur te staan – OC&C heeft berekend dat wanneer de B2B200 geen acties ondernemen om de groei terug op niveau te brengen, ze tussen nu en 2020 een gezamenlijke £420 miljard aan verkopen zullen laten liggen.

* Het rapport is getiteld ‘Sink or Swim: Why the Tide has Turned for the Global Business Services Sector’.

** De B2B200 bestaat uit de 25 grootste bedrijven (omzetgrootte) uit elk van de acht segmenten die de kern vormen van de B2B dienstenindustrie: Construction (bouw), Construction Products, Facilities Management, Business Process Outsourcing (BPO) & IT, Logistiek & Transport, B2B Media & Marketing, Olie & Gas, en Engineering & Compliance. In de lijst wordt gefocust op sectoren die als primaire activiteit dienstverlening of outsourcing ter ondersteuning van waardecreatie hebben, en die inkomsten krijgen uit contracten of frequent terugkerende klanten. Om die reden zijn industriesegmenten zoals Publishing, Financiële dienstverlening, Recruitment en Manufacturing buiten beschouwing gelaten in de analyse.

Nieuws

Meer nieuws over