KplusV: Tarieven afvalverwerkingsindustrie afgenomen

03 september 2015 Consultancy.nl

Sinds 2009 zijn de tarieven voor afvalverwerking in Nederland fors gedaald. De komende jaren zullen de tarieven echter weer voorzichtig stijgen, voorspellen adviseurs van KplusV Organisatieadvies, als gevolg van onder meer hogere duurzaamheidseisen en strengere transport- en kwaliteitseisen aan de installaties voor afvalverwerking.

Met het VANG (Van Afval Naar Grondstof) beleid van het ministerie van Infrastructuur en Milieu richt de overheid zich op het terugdringen van de jaarlijkse hoeveelheid restafval per inwoner. Het gemeentebeleid wordt hier steeds verder op aangepast en de ambities van de overheid lijken daarmee stapsgewijs te worden gerealiseerd. Om erachter te komen wat de effecten zijn en zullen zijn van dit beleid heeft organisatieadviesbureau KplusV een analyse gemaakt ten aanzien van de tariefontwikkelingen en trends in de Nederlandse afvalverwerkingsindustrie.

KplusV analyse: tarieven dalen
Uit de analyse van KplusV Organisatieadvies blijkt dat de tarieven voor afvalverwerking sinds 2009 fors zijn gedaald. In de periode van 2009 tot 2012 daalden de tarieven van tussen de €80 en €100 per ton tot tussen de €40 en €60 per ton. Sinds 2012 is er echter weer een lichte stijging van de tarieven zichtbaar*. Volgens KplusV is de totale tariefdaling van de afgelopen jaren vooral gerealiseerd door de bijbouw en uitbouw van verbrandingsinstallaties en door het vrijkomen van grotere volumes op hetzelfde moment, in plaats van verspreid over een langere periode. Ook zijn er installaties geoptimaliseerd zodat de afvalverbranding meer energie kan opwekken en installaties zich kunnen terugverdienen.

Tarieven Afvalverwerking grafiek

Trends voor de komende jaren
Ook stelden de adviseurs zichzelf de vraag: ‘als de gewenste trendbreuk doorzet en er steeds minder restafval geproduceerd wordt, wat betekent dat voor de gemeentelijke aanbestedingstarieven van restafvalverwerking?’ Om voorspellingen te kunnen doen over de afvalverwerkingsindustrie van morgen, bracht KplusV eerst in kaart welke ontwikkelingen zich de afgelopen jaren hebben voorgedaan. “Opvallend is dat er vanaf 2012 ook andere factoren gaan meespelen in de uiteindelijke gunning zoals energetische efficiëntie van de verwerkende installatie, transport en duurzaamheidscriteria. Hierdoor is niet meer vanzelfsprekend dat het laagst geboden tarief de uiteindelijke winnaar wordt”** aldus de organisatieadviseurs. Wel maken gemeenten optimaal gebruik van de lage tarieven door nu al de verwerking aan te besteden voordat het lopende contract is afgelopen. Volgens KplusV is er sprake van “grote overcapaciteit”, waardoor gemeenten op zoek kunnen naar andere afvalverwerkingsbedrijven.

Tussen Europese landen is een groot verschil in verbrandingscapaciteit. Sommige landen kampen met een overschot aan afval, wat zij niet zelf kunnen verwerken. Nederland heeft echter een overcapaciteit aan verbrandingsmogelijkheden en daarom wordt sinds kort ook buitenlands afval verbrand in Nederlandse centrales. Voor de komende jaren voorspelt KplusV dat de Nederlandse overcapaciteit op deze wijze zal worden blijven ingezet, zeker met het oog op de Europese plannen om vanaf 2030 een algeheel Europees stortverbod in te voeren.

Betere bronscheiding zorgt bovendien voor een verdere afname van de hoeveelheden restafval en KplusV voorziet daarnaast ook technologische innovaties op het gebied van grote reststromen zoals luiers en incontinentiemateriaal. Dit heeft wel als gevolg dat de samenstelling van het afval verandert, omdat er steeds meer afval wordt uitgesorteerd om daarna opnieuw te dienen als grondstof. Naar verwachting is het afval wat overblijft vervuilender dan nu, waardoor ook het restproduct van de afvalverbranding (bodemassen) meer vervuild zal zijn. De bodemassen omzetten naar bruikbare materialen zal daardoor duurder worden dan nu.

KplusV afvalverwerking

Een andere manier waarop de tarieven volgens KplusV hoger kunnen worden is door een kunstmatige verhoging vanuit de overheid, om afvalproductie nog verder tegen te gaan. Die verhoging is erop gericht om het verbranden van afval op een gegeven moment te gaan ontmoedigen, omdat met steeds zwaardere eisen gaat stellen en een schonere manier wil om met afval om te gaan, licht KplusV toe. Volgens de onderzoekers verschuift de manier waarop met afval wordt omgegaan – “eerst was het storten, daarna verbranden en verbranden met energieopwekking, en zo zal in de toekomst de focus naar verwachting meer liggen op recycling, urban mining en preventie”, aldus de onderzoekers.

Evenwicht in vraag en aanbod
Volgens KplusV zal in de nabije toekomst meer evenwicht ontstaan tussen vraag en aanbod voor afvalverwerking, waardoor de tarieven dan minder zullen fluctueren. In de komende drie tot vijf jaar verwachten de adviseurs een beperkte stijging van het verwerkingstarief, onder meer “veroorzaakt door hogere duurzaamheidseisen, transport- en kwaliteitseisen aan de installaties en daarnaast een mogelijke verhoging van de verbrandingsbelasting vanuit de overheid”.

Wel geeft KplusV aan dat de absolute verwerkingskosten per gemeente naar verwachting omlaag zullen gaan, onder meer door een afname van de hoeveelheid restafval en door overcapaciteit. De adviseurs benadrukken tot slot dat het om voorspellingen gaat: “Een slag om de arm in deze is nodig: tenslotte is ook de markt voor afvalverwerking onvoorspelbaar. Uiteindelijk is de enige manier om erachter te komen…. door te gaan aanbesteden.”

* Geboden tarieven dalen weliswaar sinds 2012, maar er is wel een stijging van de winnende tarieven.

** Geïllustreerd door de stijgende oranje lijn vanaf 2012.

Nieuws

Meer nieuws over