De succesfactoren van Corporate Venturing ontrafeld

21 mei 2015 Consultancy.nl

De Rotterdam School of Management, Erasmus Universiteit (RSM) heeft een nieuw ‘executive’ opleidingsprogramma gelanceerd voor managers, adviseurs en professionals die hun kennis op het gebied van ‘Corporate Venturing’ willen bijspijkeren. Om meer te weten te komen over het aanstaande tweedaagse programma en over het complexe onderwerp, dook Consultancy.nl in de wereld van corporate venturing en ging met RSM in gesprek over het nieuwe programma.

In managementland heeft Corporate Venturing zich de afgelopen jaren tot een toverwoord ontwikkeld. Hoewel het op zichzelf geen nieuw vakgebied betreft, hebben diverse recente trends en ontwikkelingen er voor gezorgd dat corporate venturing is uitgegroeid tot een essentieel strategisch thema, zowel voor grote als kleine wereldwijde organisaties. Markten en industriesegmenten zijn onder meer door de opkomst van nieuwe technologieën veel vatbaarder geworden voor marktverstoringen. Voorbeelden zijn er in overvloed: Uber transformeert de taxiwereld, online platforms zetten de retailwaardeketen op zijn kop, Airbnb verstoort de hotel- en huizenverhuur markt, enzovoorts. Wat deze ‘disruptors’ typeert is dat het voornamelijk nieuwe spelers zijn, die vooral als gevolg van een baanbrekend businessmodel en schaalbare, onderscheidende technologie explosief groeien.

Uber en Airbnb

Nieuwe markt
“Kleine bedrijven en start-ups spelen vandaag de dag een steeds grotere rol in onze economie. Marktverstorende innovaties en businessmodellen creëren nieuwe markten en waardenetwerken, die een enorme bedreiging vormen voor de gevestigde bedrijven”, stelt Vareska van de Vrande, Associate Professor Strategic Management aan de RSM en expert in open innovatie en corporate venturing. In combinatie met de groeiende economische druk en marktuitdagingen waar traditionele bedrijven mee te maken krijgen – voornamelijk als gevolg van globalisering, concurrentie, wet- en regelgeving en verandering van consumentengedrag – moeten bedrijven zich vaker richten op innovatie om hun onderscheidend vermogen te behouden, of zelfs te heroveren.

Een recent onderzoek van Strategy& onderschrijft deze trend – vorig jaar gaven de 1.000 grootste organisaties ter wereld een recordbedrag van $647 miljard uit aan innovatie, 60% meer dan tien jaar geleden. “Diverse uitgebrachte onderzoeken in de afgelopen jaren laten verder zien dat innovatie een steeds belangrijker thema wordt in het bedrijfsleven, en als een strategisch middel dient om concurrentievoordeel te realiseren. De prioriteit van innovatie bereikt inmiddels ook de bestuurskamer van organisaties”, zegt Van de Vrande.

Traditionele vs. moderne innovatie
Nu innovatie alsmaar belangrijker wordt, opent de markt zich ook voor modernere vormen van innovatie. Traditionele innovatie, gecentreerd rondom in-house Research & Development (R&D), blijft – qua volume – de belangrijkste vorm binnen de industrie, maar andere benaderingen van innovatie, zoals co-creatie, crowd-gebaseerde innovatie, partnerships, netwerkcollaboraties en R&D outsourcing winnen snel terrein. Een ander onderwerp dat steeds vaker het innovatielandschap domineert is ‘corporate venturing’, een term die wordt gegeven aan (minderheids-) investeringen door gevestigde bedrijven in externe start-ups. De belangrijkste doelstelling van corporate venturing is het realiseren van een specifiek concurrentievoordeel, ofwel door innovatie en/of gepatenteerde technologie of kennis te bemachtigen, of door toegang te krijgen tot een netwerk van klanten en/of leveranciers. Corporate venturing is in feite een subcategorie van durfkapitaal, volgens accountants- en advieskantoor
EY een markt ter waarde van $48 miljard*.

Corporate Venturing is gaining terrain globally

Corporate venturing vormt weliswaar geen nieuwe tak van sport – de afgelopen decennia was er een wisselende vraag bij organisaties naar durfkapitaal – maar inmiddels is deze markt wel groter dan ooit tevoren. Van oorsprong was corporate venturing voornamelijk populair binnen sterk groeiende sectoren, zoals bij farmaceutische of technologiebedrijven. Maar inmiddels, met de opkomst van digitalisering, online en marktverstorende technologieën, wordt corporate venturing ook warm onthaald binnen andere industrieën en markten.

Ondanks de groeiende aandacht voor corporate venturing, en de enorme stroom aan onderzoeken, modellen en best practices binnen de markt, is het track record van corporate venturing onduidelijk. Volgens de National Venture Capital Association, het representatieve orgaan voor de industrie in de VS – ’s werelds grootste markt – faalt zo’n 25%-30% van de start-ups die door durfkapitaal worden ondersteund, terwijl nog zo’n 25%-35% niet aan de verwachtingen voldoet. Toch trekken veel mensen deze data in twijfel, omdat zij denken dat het faalpercentage in werkelijkheid veel hoger ligt. Zij stellen dat durfkapitaalverstrekkers veel van hun gefaalde projecten stilhouden. Zo toont een Harvard onderzoek bijvoorbeeld aan dat maar liefst 75% van de door durfkapitaal gefinancierde start-ups hun verwachte ‘returns on investment’ niet behaalt**.

Opleidingsprogramma RSM
Welke van bovenstaande meningen de juiste is, is minder van belang. Helder is echter dat corporate venturing – vanuit de basis bekeken – een risicovolle onderneming vormt. Een rigoureuze aanpak is nodig om het meeste uit corporate venturing te kunnen halen. Om bestuurders, managers, ondernemers en innovatieleiders te helpen grip op dat proces en de kritische succesfactoren te krijgen, ontwikkelde de Rotterdam School of Management, Erasmus Universiteit (RSM) een nieuw ‘executive’ opleidingsprogramma, dat zich in zijn geheel richt op corporate venturing. Het tweedaagse programma vindt plaats op 5 en 6 november 2015 en zal gefaciliteerd worden door Van de Vrande en Rob Kirschbaum, voormalig Vice-president van Open Innovation bij DSM en over het algemeen gezien als een kennisleider in innovatie.

Vareska van de Vrande and Rob Kirschbaum

Het programma zal inzicht bieden in de meest recente markttrends, ontwikkelingen (en academische perspectieven) in corporate venturing, evenals in de positie die het domein inneemt binnen het innovatieproces van organisaties. Ook worden de meest actuele tools en technieken behandeld en krijgen deelnemers de kans om te testen welke van deze tools het beste passen bij hun praktische behoeften. Bovenop theoretische kennis, zijn ook real-life cases uit verschillende sectoren in het curriculum geïntegreerd, om te zorgen voor “een goede mix van theorie en praktijk”, licht Kirschbaum toe. Aan het einde van het programma keren de deelnemers terug naar hun organisatie met een onderscheidend pakket aan “inzichten, best practices en concrete vaardigheden en tools, die ze in hun werk kunnen toepassen”, aldus Van de Vrande en Kirschbaum.

* ‘Global venture capital insights and trends 2014’. Het aandeel van corporate venturing wordt geschat tussen de 10% en 15%.

** Onderzoek van de Harvard Business School, onder leiding van door Shikhar Ghosh.

Nieuws